Terug
Gepubliceerd op 03/03/2026

Notulen  Raad Maatschappelijk Welzijn

ma 02/02/2026 - 21:30 Raadzaal
Aanwezig: Sarah Bouton, Katrien Desomer, Emmily Talpe, Stephaan De Roo, Miguel Gheysens, Peter De Groote, Diego Desmadryl, Danny Metsu, Eva Ryde, Stefaan Williams, Edouard Wallays, Jo Baert, Dimitry Soenen, Lies Sampers, Stijn Kimpe, Brecht Vangheluwe, Philip Bolle, Wim Vandamme, Jeroen Bossaert, Andy Verkruysse, Elvera Bibuljica, Marianne Deygers, Gregory Demeyere, Kim Louwyck, Ives Goudeseune, Thomas Kinoo, Saskia Dehollander, Nancy Six, Lieven Stubbe, Stefan Depraetere
Verontschuldigd: Ann-Sophie Himpe, Valentijn Despeghel, Nathalie Vandamme, Joke Despeghel
  • Goedkeuring notulen vorige zitting

    • Goedkeuring notulen vorige zitting

      Aanwezig: Sarah Bouton, Katrien Desomer, Emmily Talpe, Stephaan De Roo, Miguel Gheysens, Peter De Groote, Diego Desmadryl, Danny Metsu, Eva Ryde, Stefaan Williams, Edouard Wallays, Jo Baert, Dimitry Soenen, Lies Sampers, Stijn Kimpe, Brecht Vangheluwe, Philip Bolle, Wim Vandamme, Jeroen Bossaert, Andy Verkruysse, Elvera Bibuljica, Marianne Deygers, Gregory Demeyere, Kim Louwyck, Ives Goudeseune, Thomas Kinoo, Saskia Dehollander, Nancy Six, Lieven Stubbe, Stefan Depraetere
      Verontschuldigd: Ann-Sophie Himpe, Valentijn Despeghel, Nathalie Vandamme, Joke Despeghel
      Juridische grond en bevoegdheid

      Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 77 en 78, betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

      De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

      Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)

      Feiten, context en argumentatie

      De notulen van de raad van 1 december 2025 worden voor goedkeuring ter inzage van de raadsleden gelegd.  Er zijn geen opmerkingen geformuleerd, waardoor ze als goedgekeurd kunnen beschouwd worden.

       

      Beschikkend gedeelte

      Op basis van deze overwegingen besluit de raad met algemeenheid van stemmen de notulen van 1 december 2025 goed te keuren.

  • Vragen en antwoorden

    • Oefenkansen Nederlands (Vraag van raadslid Demeyere)

      Aanwezig: Sarah Bouton, Katrien Desomer, Emmily Talpe, Stephaan De Roo, Miguel Gheysens, Peter De Groote, Diego Desmadryl, Danny Metsu, Eva Ryde, Stefaan Williams, Edouard Wallays, Jo Baert, Dimitry Soenen, Lies Sampers, Stijn Kimpe, Brecht Vangheluwe, Philip Bolle, Wim Vandamme, Jeroen Bossaert, Andy Verkruysse, Elvera Bibuljica, Marianne Deygers, Gregory Demeyere, Kim Louwyck, Ives Goudeseune, Thomas Kinoo, Saskia Dehollander, Nancy Six, Lieven Stubbe, Stefan Depraetere
      Verontschuldigd: Ann-Sophie Himpe, Valentijn Despeghel, Nathalie Vandamme, Joke Despeghel
      Feiten, context en argumentatie

      Tijdens de gemeenteraad van 6 oktober vorig jaar stelden wij vragen over de projectoproep van het Agentschap Integratie & Inburgering rond oefenkansen Nederlands. Toen gaf schepen Ryde aan dat deze subsidiekans zou worden bekeken en dat, als de stad zou intekenen, dit zou gebeuren met het oog op het versterken van het bestaande aanbod.

      Intussen vernamen wij dat de stad effectief heeft ingetekend om het bestaande aanbod te versterken, dat het project werd goedgekeurd en dat hiervoor een bedrag van 30.000 euro wordt toegekend — al hoor ik graag of deze informatie correct is, schepen.

      Als dat inderdaad het geval is, hebben wij hierover enkele inhoudelijke vragen.

      Vandaag is het aanbod aan oefenkansen Nederlands in Ieper in grote mate gericht op mensen die niet actief zijn op de arbeidsmarkt. Veel initiatieven vinden plaats tijdens de week en overdag, wat de toegankelijkheid voor werkende anderstaligen beperkt, terwijl ook zij een belangrijke doelgroep vormen. Daarnaast werden bij de eerdere toelichting ook voorbeelden aangehaald van onderwijsgerelateerde en prestatiegerichte trajecten, zoals OKAN.

      Deze projectoproep focust zich echter expliciet op niet-formele, laagdrempelige en spontane oefenkansen Nederlands.

      Daarom heb ik volgende vragen:

      • Kan de schepen toelichten wat de concrete inhoud is van het ingediende project en verduidelijken op welke manier dit méér is dan louter een verderzetting van het bestaande aanbod? En hoe wordt daarbij rekening gehouden met werkende anderstaligen?
      • Volstaat het toegekende bedrag van 30.000 euro om de ambities van het project waar te maken, of voorziet de stad bijkomende eigen middelen?

       

      Schepen Ryde
      Dank voor de getoonde verdere interesse in de inzet voor meer oefenkansen Nederlands in onze stad.

      Uiteraard is het niet louter een verderzetting. We willen inzetten op volgende zaken:
      • Verhogen kwaliteit: vorming voor vrijwilligers, aankoop extra materiaal, uitwerken methodieken
      • Divers aanbod: vraaggestuurd werken, ook op vlak van tijdstip en methodiek
      • Duurzame verankering: actief extra vrijwilligers werven, draagvlak vergroten intern en bij partners om regulier in te bedden,
      • Inzetten op ontwikkeling van een totale visie, met behulp van Agentschap inburgering en integratie

      Dit is de opzet van maart 2026 tot augustus 2028: 168 (KLIMOP) + 18 (Kleuterkriebels) + 245 (Losse Oefenbabbels) + 95 (Taalpunt) + 190 (Taallabo) + 95 (Taalzin) + 350 (Open Ateliers) + 12 (Themawandelingen) + 25 (Zomerschool) = 1208 oefenmomenten in totaal.

      Op vandaag zijn er al voorleesmomenten en oefenmomenten voor alle talen (dinsdagen in de bib) buitende klassieke werkuren. Binnenkort ook het open dictee voor Anderstaligen die de bib organiseert. Hierop kan verder gebouwd worden, naargelang de vraag. We vragen ook actief onze onderwijspartners om lessen te programmeren die niet overdag doorgaan, wat niet evident blijkt. Argos vzw specialiseerde zich ook in het oefenen van Nederlands op de werkvloer. Elke ontmoeting in de vrije tijd is op zich ook een oefenkans Nederlands, waarvoor we elke burger aanmoedigen en toe uitnodigen.

      Uiteraard zet de stad daarnaast eigen middelen in, zowel op vlak van uren personeelsinzet als werkingsbudget (bvb voor materiaal of vorming). Dit zit verspreid over verschillende diensten: bibliotheek, welzijn en de convenant met Argos en is niet strikt af te splitsen. Deze inzet wordt verder regulier voorzien.

      Raadslid Demeyere
      Dank.
      Duidelijk dat heel wat stappen zullen gezet worden. Tevreden en kijkt uit naar de praktische uitwerking ervan.

    • Openbare snoezelruimte in Ieper (Vraag van raadslid Demeyere)

      Aanwezig: Sarah Bouton, Katrien Desomer, Emmily Talpe, Stephaan De Roo, Miguel Gheysens, Peter De Groote, Diego Desmadryl, Danny Metsu, Eva Ryde, Stefaan Williams, Edouard Wallays, Jo Baert, Dimitry Soenen, Lies Sampers, Stijn Kimpe, Brecht Vangheluwe, Philip Bolle, Wim Vandamme, Jeroen Bossaert, Andy Verkruysse, Elvera Bibuljica, Marianne Deygers, Gregory Demeyere, Kim Louwyck, Ives Goudeseune, Thomas Kinoo, Saskia Dehollander, Nancy Six, Lieven Stubbe, Stefan Depraetere
      Verontschuldigd: Ann-Sophie Himpe, Valentijn Despeghel, Nathalie Vandamme, Joke Despeghel
      Feiten, context en argumentatie

      Een snoezelruimte is een speciaal ingerichte ruimte waar mensen tot rust kunnen komen via zachte zintuiglijke prikkels zoals licht, geluid, geur en aanraking. Dergelijke ruimtes worden vaak gebruikt door kinderen met een autismespectrumstoornis, mensen met een beperking, ouderen met dementie of personen die nood hebben aan prikkelarme ontspanning. Snoezelruimtes dragen bij aan welzijn, inclusie en mentale rust.

      In verschillende zorginstellingen bestaan reeds snoezelruimtes, maar deze zijn meestal niet publiek toegankelijk. Voor zover ons bekend beschikt de stad Ieper vandaag niet over een openbare, vrij toegankelijke snoezelruimte voor haar inwoners, los van zorg- of opvanginstellingen zoals bijvoorbeeld vzw Matthijs en Augustijntje, die hier wel al beschikken.

      Daarom volgende vragen aan het College van Burgemeester en Schepenen:

      1. Beschikt de stad Ieper momenteel over een openbare snoezelruimte die toegankelijk is voor inwoners, en zo ja, waar bevindt deze zich en voor welke doelgroepen is ze bedoeld?
      2. Indien er momenteel geen openbare snoezelruimte bestaat, is het stadsbestuur bereid te onderzoeken of de realisatie van zo’n ruimte mogelijk en wenselijk is binnen het stedelijk welzijns- en inclusiebeleid?
      3. Werd of wordt hierbij gedacht aan samenwerking met lokale zorg- en welzijnsorganisaties zoals het Huis van het Kind of de Jeugddienst?

       

      Schepen Eva Ryde
      Dank u voor deze vraag. Het voorstel om een snoezelruimte te voorzien vertrekt vanuit een zeer sympathieke en begrijpelijke bekommernis rond welzijn, inclusie en prikkelarme ontspanning. Voor heel wat mensen kan zo’n omgeving effectief een meerwaarde betekenen.

      Tegelijk moeten we vaststellen dat de realisatie van een publieke, vrij toegankelijke snoezelruimte in de praktijk ook heel wat uitdagingen met zich meebrengt. Het gaat daarbij niet alleen over de inrichting van de ruimte zelf, maar ook over het dagelijks onderhoud, het correct en veilig gebruik, het uitwerken van een reservatiesysteem, de opvolging en het beheer. Dit vraagt een duidelijke omkadering, zowel organisatorisch als financieel, en kan moeilijk los gezien worden van een bredere werking.

      In gemeenten waar vandaag met snoezelruimtes wordt gewerkt, zien we dat deze doorgaans ingebed zijn in een bestaande welzijns-, zorg- of vrijetijdsvoorziening. Het gaat dan vaak om ruimtes die in eerste instantie deel uitmaken van een reguliere werking en die eventueel, al dan niet betalend, ook extern kunnen worden gebruikt. Het opzetten van een volledig apart, stedelijk initiatief zonder verankering in een bestaande structuur blijkt in de praktijk weinig haalbaar.

      Daarnaast willen we ook benadrukken dat prikkelarme ruimtes zich niet beperken tot het klassieke concept van een snoezelruimte. Prikkelarm aanbod kan op verschillende manieren en in diverse contexten worden vormgegeven. We denken daarbij bijvoorbeeld aan stille ruimtes zoals kerken, aan prikkelarme momenten tijdens evenementen of op de kermis, of aan het voorzien van een rustige aparte ruimte binnen het Sociaal Huis of andere stedelijke gebouwen. Ook deze vormen dragen bij aan toegankelijkheid en welzijn, vaak met een beperktere organisatorische impact.

      Wat we wel als zinvol vervolg zien, is het in kaart brengen van het bestaande aanbod bij lokale zorg- en welzijnsorganisaties die vandaag al over een snoezelruimte beschikken. We kunnen de vraag stellen of zij hun infrastructuur reeds extern openstellen, of bereid zouden zijn om dit — binnen hun mogelijkheden en werking — te doen. Op die manier kunnen we inzetten op samenwerking en gedeeld gebruik, zonder een volledig nieuw en afzonderlijk initiatief op te zetten.

      Samengevat: het idee is inhoudelijk waardevol, maar vraagt een realistische en gedragen aanpak. We kiezen er daarom voor om te vertrekken vanuit bestaande structuren, een bredere invulling van prikkelarm aanbod te hanteren en het gesprek aan te gaan met welzijnspartners die hier vandaag al expertise en infrastructuur in hebben.

      Raadslid Demeyere
      Bedankt voor antwoord.
      Begrip dat dit niet evident is maar toch vraag om dit niet los te laten en te kijken welke opties er misschien toch zijn om een oplossing te kunnen bieden.

  • Mededelingen

    • Mededelingen

      Aanwezig: Sarah Bouton, Katrien Desomer, Emmily Talpe, Stephaan De Roo, Miguel Gheysens, Peter De Groote, Diego Desmadryl, Danny Metsu, Eva Ryde, Stefaan Williams, Edouard Wallays, Jo Baert, Dimitry Soenen, Lies Sampers, Stijn Kimpe, Brecht Vangheluwe, Philip Bolle, Wim Vandamme, Jeroen Bossaert, Andy Verkruysse, Elvera Bibuljica, Marianne Deygers, Gregory Demeyere, Kim Louwyck, Ives Goudeseune, Thomas Kinoo, Saskia Dehollander, Nancy Six, Lieven Stubbe, Stefan Depraetere
      Verontschuldigd: Ann-Sophie Himpe, Valentijn Despeghel, Nathalie Vandamme, Joke Despeghel
      Feiten, context en argumentatie

      Stad – OCMW Ieper : technische bemerkingen en aanbevelingen bij het meerjarenplan 2026-2031 (LF-MJPBBC-25.0362)

Namens Raad Maatschappelijk Welzijn,

Stefan Depraetere
Algemeen directeur

Sarah Bouton
Voorzitter