Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
De notulen van de vergadering van 2 maart 2026 werden conform de bepalingen van het gemeentedecreet opgemaakt en tijdig ter beschikking gesteld van de raadsleden. Er zijn geen opmerkingen geformuleerd waardoor ze als goedgekeurd kunnen beschouwd worden.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen de notulen van de zitting van 2 maart 2026 als goedgekeurd te beschouwen.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
de nieuwe gemeentewet bekrachtigd bij wet van 26 mei 1989, inzonderheid op artikel 135 §2, ingevoegd bij wet van 27 mei 1989, en op artikel 119, hernummerd bij de wet van 27 mei 1989 en gewijzigd bij het K.B. van 30 mei 1989.
de wet betreffende de politie over het wegverkeer gecoördineerd bij het K.B. van 16 maart 1968, inzonderheid op artikel 12 gewijzigd bij het K.B. van 30 december 1982,
het K.B. van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, inzonderheid op titel III gewijzigd bij de K.B.’s van 23 juni 1978, 25 november 1980, 8 april 1983, 1 juni 1984, 25 maart 1987, 17 september 1988, 20 juli 1990, 1 februari 1991,
het K.B. van 28 november 1997 en van 28 maart 2003 houdende de reglementering van de organisatie van sportwedstrijden of sportcompetities voor auto’s die geheel of gedeeltelijk op de openbare weg plaatsvinden en de omzendbrief OOP 25 dd 1 april 2006;
de wet van 25 juni 1993 met betrekking op de uitoefening van de ambulante activiteiten en latere wijzigingen;
De algemene zonale en lokale politieverordening
Op 28 januari 2026 werd een aanvraag ingediend door Superstage VZW, Korte Torhoutstraat 35, 8900 Ieper voor de organisatie van de Montebergrally op zondag 3 mei 2026.
Bij dergelijke manifestaties kan door de te talrijke aanwezigheid van ambulante handelaars, de veiligheid van het voetgangersverkeer in het gedrang komen;
Om veiligheidsredenen dient, vooral binnen de zones van de snelheidsparcours, het aantal verkooppunten van eetwaren en dranken beperkt te worden en in overeenstemming te zijn met de plaatsen ingetekend in het veiligheidsboek dat goedgekeurd werd door de “Veiligheidscommissie”.
De verkoop en het gebruik van dranken in blik op en in de omgeving van de snelheidsparcours moet gemeden worden om de gevolgen van het restafval van de aluminium blikken voor de landbouw en de veeteelt maximaal te beperken;
Naar aanleiding van deze manifestatie moeten servicewagens ook in de mogelijkheid kunnen verkeren om aan rallyvoertuigen herstellingen of onderhoudswerken uit te voeren op of langs de openbare weg.
Er wordt daarbij eveneens gewezen op de aanbevelingen van de “veiligheidscommissie” betreffende het gevaar van barbecues in servicezones.
Er kan een redelijke volkstoeloop verwacht worden. Om alles veilig en vlot te laten verlopen is het wenselijk een en ander te reglementeren.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 26 ja stemmen en 2 onthoudingen (de raadsleden Six en Kinoo) tegen 1 neen stem (het raadslid Stubbe):
Artikel 1: Op zondag 3 mei 2026 tussen 07.00 en 22.00 uur is het uitoefenen van ambulante activiteiten verboden, binnen onderstaande (denkbeeldig afgebakende) zones, met inbegrip van de vernoemde straten die de zones afbakenen, uitgezonderd voor diegenen die in het bezit zijn van een schriftelijke vergunning van de Burgemeester en voor de permanente eet- en drankgelegenheden.
a) zone afgebakend door de Bellestraat vanaf gemeentegrens met Poperinge tot de Abelestraat, de Abelestraat van Bellestraat tot de Krommenelststraat, de Krommenelststraat van Abelestraat tot Dikkebusseweg, de Dikkebusseweg van Krommenelststraat tot gemeentegrens met Heuvelland.
b) zone afgebakend door Casselstraat tussen Grote Brandersstraat en de grens met Poperinge, Grote Brandersstraat van Casselstraat tot Bellestraat, de Bellestraat van Grote Brandersstraat tot grens met Poperinge.
Artikel 2: Alle drank-, VIP- en eettenten gelegen binnen de in artikel 1 vermelde gebied moeten opgenomen worden in het “veiligheidsboek”. Deze inrichtingen moeten op een veilige plaats worden opgesteld en minstens 100 meter van het parcours verwijderd te zijn.
Dit is eveneens van toepassing op de private terreinen die voor het publiek openbaar worden gemaakt en zo een openbaar karakter verkrijgen.
Dit verbod is niet van toepassing op vaste handelaars die hun gewone handelsactiviteiten uitoefenen binnen hun normale handels- of verkoop ruimten. Evenwel dienen deze handelaars toch in het bezit te zijn van een voorafgaandelijke schriftelijke machtiging of kunnen beperkingen aan de uitbating worden opgelegd in het kader van de veiligheid van de toeschouwers.
Artikel 3: Het is verboden op de plaatsen vergund onder artikel 1, dranken in blik te verkopen, te verbruiken of uit te delen. Dit verbod is niet van toepassing binnen de bebouwde kom.
Artikel 4: Conform artikel 3.1.5. van de algemene zonale verordening, met betrekking tot het smeren van – en werken aan voertuigen op de openbare weg, wordt op 4 mei 2025 toelating gegeven aan de deelnemers aan – en de servicewagens van de rally, onder volgende voorwaarden:
a) het verlenen van service is gedurende het ganse rallygebeuren uitsluitend toegestaan op de punten hiervoor aangeduid door de organisatie. Buiten deze punten zijn alleen noodreparaties toegestaan.
b) Service-auto’s moeten voorzien zijn van:
- een stuk servicefolie (ondoordringbaar) van minimaal 4x3 m;
- een opvangbak voor vloeistoffen van circa 50 cm x 50 cm met aftapvoorziening;
- een voorziening voor het opvangen van brandstof, indien bij het tanken brandstof kan worden gemorst;
- een container voor afvalvloeistoffen van ten minste 10 liter inhoud en een afvalzak.
c) - Op alle servicepunten moet de auto, gedurende de ganse duur der werkzaamheden, op servicefolie staan.
- In alle gevallen waarin de kans bestaat in het morsen van vloeistof, moet de opvangbak of een andere voorziening worden gebruikt
- Servicepunten moeten steeds schoon worden achtergelaten. Afvalstoffen, auto-onderdelen, materialen en andere voorwerpen, moeten in het servicevoertuig worden meegenomen.
- Indien toch nog verontreiniging van de ondergrond heeft plaatsgevonden, is de
serviceploeg verplicht dit, binnen de kortste tijd, aan de milieu-official of rechtstreeks aan de wedstrijdleiding mede te delen, onder opgave van alle relevante gegevens. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing bij noodreparaties buiten de voorziene servicepunten.
- Het schoonspuiten van auto’s is uitsluitend toegestaan op plaatsen die daarvoor door het organisatiecomité zijn aangewezen.
Artikel 5: Op de in het veiligheidsboek voorziene serviceplaatsen moet ieder team op zijn stand uitgerust zijn met de nodige brandbestrijdingsmiddelen.
Het gebruik van barbecue toestellen op de servicestanden is verboden.
Artikel 6: Op zondag 3 mei 2026 is het aan eenieder verboden om op enige manier het normale verloop van de wettelijk vergunde manifestatie van de organisatie Monteberg Rally te hinderen, hetzij door op het parcours te lopen, hetzij door voorwerpen op het parcours te leggen of eender welke hindernis, behalve deze voorzien in het “veiligheidsboek, aan te brengen die het normale verloop van de wedstrijd zouden kunnen hinderen.
Artikel 7: Deze verordening wordt van kracht de dag waarop ze bekend wordt gemaakt. Zij zal van kracht blijven zolang deze aangelegenheid duurt.
Artikel 8: Inbreuken op deze verordening worden bestraft met een gemeentelijke administratieve sanctie overeenkomstig de procedure vastgelegd in het gemeenteraadsbesluit van 2 februari 2026 en latere wijzigingen.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
De nieuwe gemeentewet, inzonderheid op de artikelen 119, 133, 134 § 1 en 135 § 2;
De wet van 13 mei 1999 tot invoering van de gemeentelijke administratieve sancties;
De wet van 27 juni 1937 houdende herziening van de wet van 16 november 1919 betreffende de regeling der luchtvaart en het koninklijk besluit van 15 maart 1954 tot regeling van de luchtvaart;
Het koninklijk besluit van 10 april 2016 met betrekking tot het gebruik van op afstand bestuurde luchtvaartuigen in het Belgisch luchtruim; (KB Drones)
Op zondag 3 mei 2026 wordt de Monteberg Rally georganiseerd. De vraag is gekomen van de organisatoren en politie om een verbod in te stellen op het gebruik van drones op de locaties van hun organisatie en op de plaatsen van het wedstrijdverloop.
Het gebruik van drones kan de deelnemers in verwarring brengen en zo de oorzaak zijn van ongevallen.
Naar aanleiding van deze manifestatie wordt een redelijke volkstoeloop verwacht. Gezien dergelijke toestellen massaal in de handel te koop zijn en er geen waarborgen zijn van de behendigheid van de bedienaars. Dit kan een weerslag hebben op de openbare orde.
In die zin is de vraag terecht om het gebruik van drones te reglementeren.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 26 ja stemmen en 2 onthoudingen (de raadsleden Six en Kinoo) tegen 1 neen stem (het raadslid Stubbe):
Artikel 1: Op zondag 3 mei 2026 van 07.00 tot 22.00 uur is:
- het opstijgen en landen van op afstand bestuurde luchtvaartuigen (zoals bedoeld in art 1.4° van het K.B. dd 10/04/2016) in de zone van en op 2 km van het afgebakende parcours van de rally net als
- het in bezit zijn van een op afstand bestuurd luchtvaartuig (zoals bedoeld in art. 1.4° van het K.B. dd 10/04/2016) op 1 km van het afgebakende parcours van de rally verboden zonder voorafgaande schriftelijke machtiging van de Burgemeester.
Artikel 2: Het niet in het bezit zijn van deze machtiging op het moment van de vaststelling wordt gestraft met een administratieve sanctie via de procedure vastgelegd in het gemeenteraadsbesluit van 2 februari 2026 en latere wijzigingen.
Artikel 3: Alle goederen die het voorwerp zijn van of gebruikt zijn bij de in deze verordening verboden handelingen of gedragingen, kunnen door de vaststeller bestuurlijk in beslag genomen worden. De goederen worden vanaf maandag 4 mei 2026 om 14.00 uur terug ter beschikking gesteld van de eigenaar op het hoofdcommissariaat van de lokale politie.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018).
De wet betreffende de politie over het wegverkeer gecoördineerd bij het K.B. van 16 maart 1968, inzonderheid op artikel 12 gewijzigd bij het K.B. van 30 december 1982.
Het K.B. van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, inzonderheid, op titel III gewijzigd bij de K.B.’s van 23 juni 1978, 25 november 1980, 8 april 1983, 1 juni 1984, 15 maart 1987, 17 september 1988, 20 juli 1990, 1 februari 1991 en volgende.
Het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald, gewijzigd bij de M.B. van 8 december 1997, 32 juni 1978, 14 december 1979, 25 november 1980, 11 april 1983, 01 juni 1984, 17 september 1988, 20 juli 1990, 1 februari 1991, 11 maart 1991, en volgende.
Het ministerieel rondschrijven van 14 november 1977 betreffende de aanvullende reglementen en de plaatsing van de verkeerstekens.
Het K.B. van 28 november 1997 houdende reglementering van de organisatie van sportwedstrijden of sportcompetities voor auto’s die geheel of gedeeltelijk op de openbare weg plaats vinden, gewijzigd bij het K.B. van 28 maart 2003.
De omzendbrief OOP 25 van 1 april 2006.
De wet van 13 mei 1999 tot invoering van de gemeentelijke administratieve sancties.
Het is opportuun het gebruik van quads en andere vierwielige motorfietsen ter gelegenheid van de Montebergrally op zondag 3 mei 2026 te vermijden. De schade die kan toegebracht worden aan onverharde wegen evenals aan fauna en flora langs deze wegen maar ook aan private eigendommen (akkers en weilanden) is immers reëel. Daarnaast zijn er trouwens ook de veiligheidsrisico's die hiermee kunnen gepaard gaan.
Naar aanleiding van deze manifestatie kan bovendien een redelijke volkstoeloop verwacht worden. Dit kan dan ook een weerslag hebben op de openbare orde en wordt beter gereglementeerd. Het gebruik van deze toestellen gedurende de organisatie en vooral dan in de buurt van de parcours wordt bijgevolg beter verboden.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 26 ja stemmen en 2 onthoudingen (de raadsleden Six en Kinoo) tegen 1 neen stem (het raadslid Stubbe):
Artikel 1: Het is verboden zich met quads en vierwielige motorfietsen te begeven in een straal van 250 meter rond het uitgestippelde parcours van de Montebergberg Rally op zondag 3 mei 2026 tussen 07.00 en 23.00 uur.
Artikel 2: Inbreuken op deze verordening worden bestraft met een gemeentelijke administratieve sanctie overeenkomstig de procedure vastgelegd in het gemeenteraadsbesluit van 2 februari 2026 en latere wijzigingen.
Artikel 3: Het besluit treedt in werking op het ogenblik van zijn bekendmaking.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
De nieuwe gemeentewet, bekrachtigd bij de wet van 26 mei 1989, inzonderheid op art. 135§2, ingevoegd bij de wet van 27 mei 1989 en op artikel 119bis, hernummerd bij de wet van 27 mei 1989 en gewijzigd bij het KB van 30 mei 1989.
De wet van 13 mei 1999 houdende de invoering van de gemeentelijke administratieve sancties.
De wetten van 24 juni 2013, 7 mei 2004, de wet van 17 juni 2004 en de Koninklijke Besluiten van 27 december 2013, 17 maart 2005, 5 december 2004 en 7 januari 2001.
De gemeenteraadsbeslissing van 1 februari 2016 houdende goedkeuring zonale en lokale politieverordening en het algemeen reglement op de gemeentelijke administratieve sancties.
Teneinde de openbare orde tijdens de 50 dagen-activiteiten te bewaken en preventief op te treden, vraagt de lokale politie naar aanleiding van de organisatie van de 50-dagen viering op 29 en 30 april 2026 een uitbreiding bovenop de zonale en lokale politieverordening.
In het bijzonder wat betreft het bezit en (oneigenlijk) gebruik van vervuilende stoffen alsook het bezit en gebruik van voetzoekers, pyrotechnisch materiaal andere ontploffingsmiddelen wil men kunnen optreden en dit zo nodig met een GAS-sanctie laten beteugelen.
Daarnaast moet vermeden worden dat minderjarigen naar aanleiding van de 50-dagen-activiteiten te gemakkelijk in aanraking komen met alcoholische dranken of deze zouden verbruiken op het openbaar domein.
Voorgesteld wordt om navolgende tijdelijke politieverordening goed te keuren.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 20 ja stemmen en 9 onthoudingen (de raadsleden Bolle, V. Despeghel, Verkruysse, N. Vandamme, W. Vandamme, Bossaert, Bibuljica, Deygers en Louwyck):
Artikel 1: Op het grondgebied van Ieper is vanaf maandag 27/04/2026 - 06:00u tot vrijdag 01/05/2026 - 06:00u op openbare wegen of plaatsen een verbod op het bezit (met uitzondering van beroepsdoeleinden) en gebruik van scheerschuim, bloem, vetstoffen, vetstiften, alcoholische drank en/ of andere bevuilende stoffen of goederen. Overtredingen hiervan worden bestraft met een administratieve geldboete van minimum €50 en maximum €250.
Artikel 2: Op het grondgebied van Ieper is vanaf maandag 27/04/2026 - 06:00u tot vrijdag 01/05/2026 - 06:00u een verbod op het bezit en gebruik van voetzoekers, bommetjes, thunderflashes, vuurwerk, knal- of rookbussen. Overtredingen hiervan kunnen bestraft worden met een administratieve geldboete van minimum €50 en maximum €250.
Artikel 3: Op het grondgebied van Ieper is het verboden om vanaf woensdag 29/04/2026 - 12:00u tot vrijdag 01/05/2026 - 06:00u aan jongeren onder de 18 jaar alcoholische dranken van meer dan 14° te verkopen of aan te bieden. Overtredingen hiervan worden bestraft met een administratieve geldboete van minimum € 50 en maximum € 250.
Artikel 4: Op het grondgebied van Ieper is het van woensdag 29/04/2026 - 18:00u tot vrijdag 01/05/2026 - 06:00u verboden voor winkels om aan jongeren onder de 18 jaar alcoholische dranken te verkopen. Overtredingen hiertegen worden bestraft met een administratieve geldboete van minimum € 50 en maximum € 250.
Artikel 5: Minderjarigen die van maandag 27/04/2026 – 06:00 uur tot vrijdag 01/05/2026 – 06:00 uur op openbare wegen en plaatsen alcoholische dranken verbruiken of bij zich hebben worden bestraft met een administratieve geldboete van minimum € 50 en maximum € 150. Dit verbruik is enkel toegestaan op een vergund terras, en voor zover in overeenstemming met andere wettelijke bepalingen.
Artikel 6: Op het grondgebied van Ieper is het van donderdag 30/04/2026 - 03:00u tot donderdag 30/04/2026 - 08:30u verboden aan café-uitbaters om hun café te openen of op enige wijze het publiek tot het verbruik van drank toe te laten. Overtredingen hiervan worden bestraft met een administratieve geldboete van minimum €50 en maximum €250.
Artikel 7: Vanaf maandag 27/04/2026 tot en met donderdag 30/04/2026 zijn stelselmatige identiteitscontroles en fouillering van personen door de leden van de lokale politiezone ARRO Ieper en de leden van de politiediensten waarmee zijn samenwerken, in de context van artikel 34 van de Wet op het Politieambt, gelegitimeerd op volgende plaatsen op het grondgebied van IEPER: binnen een straal van 500 m van de Grote Markt, de Fenix en de secundaire scholen van Ieper.
Artikel 8: Aan de politie wordt de opdracht gegeven om toe te zien op de naleving van deze maatregelen.
Artikel 9: Dit besluit zal worden bekendgemaakt via de gemeentelijke website. Dit besluit wordt eveneens ter kennisgeving bezorgd aan de politie.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad;
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018);
De Nieuwe Gemeentewet, en in het bijzonder de bevoegdheden van de burgemeester (artikel 133 en 135§2 NGW);
De Wet op het Politieambt in het bijzonder artikel 34;
Het zonale veiligheidsplan;
Door regelmatige vaststellingen van herhaalde feiten van fysieke agressie op de spoorlijn 69 (Kortrijk - Poperinge), gemeld door Belgianrail en vaststellingen van de lokale politie tijdens meerdere acties, was de vraag vanuit PZ VLAS tot gecoördineerde acties in kader van overlast rond treinstations, met specifieke aandacht voor fietsdiefstal en overlast algemeen, waarbij deze stijgend problematiek ook aan de stationsomgeving op grondgebied PZ ARRO Ieper (Wervik – Ieper – Poperinge) merkbaar was en is. Dit leidt tot verstoringen van de openbare orde in een breed scala aan wangedrag en misdrijven gaande van vechtpartijen, vandalisme tot misbruik van alcohol en verdovende middelen, weerspannigheid, agressie, etc. Om die redenen werden dan ook meerdere acties georganiseerd in de voorbije maanden.
Normaal gebeuren identiteitscontroles a priori niet stelselmatig. Maar uitzonderlijk, namelijk wanneer bepaalde plaatsen worden bedreigd of bijzondere gebeurtenissen zich voordoen, is niet enkel een algemene controle en fouillering van personen toegelaten maar kan die controle van hun identiteit op dusdanige wijze georganiseerd en gepland worden dat ze met een zekere stelselmatigheid wordt uitgevoerd. Op basis van vermelde juridische gronden kunnen de overheden van bestuurlijke politie, i.c. de burgemeester, met het oog op het handhaven van de openbare veiligheid en/of het verzekeren van de naleving van de wettelijke bepalingen met betrekking tot de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, binnen de perken van hun bevoegdheden identiteitscontroles voorschrijven, uit te voeren door de politiediensten in de omstandigheden die deze overheden bepalen.
In casu paste dergelijke maatregel ook in het kader van doelstelling 2 - aanpak leefbaarheidsproblematiek zoals opgenomen in het zonaal veiligheidsplan.
Het lijdt geen twijfel dat de openbare orde in de stationsomgeving ernstig verstoord wordt door het groeiend onveiligheidsgevoel dat er veroorzaakt wordt door groepen mensen en individuen die er elkaar opzoeken om uiteenlopende overlast te veroorzaken en/of straatcriminaliteit te plegen. De gedane vaststellingen tonen dit duidelijk aan.
De stationsperimeter, bepaald door het stationsgebouw met een circulaire perimeter van 700m rond het stationsgebouw, toneel van deze bijzondere gebeurtenis, moet worden beschouwd als een bijzondere plaats die wordt bedreigd. Aanvullend hieraan geldt dit ook voor de treinen en bussen vertrekkend en aankomend aan het station incl. tijdens de ritten op het grondgebied.
Bewoners en passanten op die plaats moeten beschermd worden tegen deze bijzondere gebeurtenis. Daarbij moet alles in het werk gesteld worden om te voorkomen dat zij nog langer geconfronteerd worden met dagelijkse overlast en straatcriminaliteit in deze buurt. Stelselmatige identiteitscontroles in combinatie met veiligheidsfouillering op die plaats zijn met het oog op het handhaven van de openbare orde, dan ook een gewettigd instrument.
Hiertoe werd bij besluiten van de burgemeester bepaald dat in 2024 en 2025 stelselmatige identiteitscontroles en fouillering van personen door de leden van de lokale politiezone ARRO Ieper en de leden van de politiediensten waarmee zij samenwerken, in de context van artikel 34 van de Wet op het Politieambt, gelegitimeerd zijn binnen de geografische omschrijving vooropgestelde stationsperimeter (het stationsgebouw met een circulaire perimeter van 700m rond het stationsgebouw).
De acties in de stationsbuurten (trein – treinstation en omgeving) waren een succes, in die zin dat er heel wat onregelmatigheden werden vastgesteld. In die zin werd beslist deze maatregelen aan te houden en te verlengen.
Bij besluit van de burgemeester van 13 augustus 2024 werd goedkeuring gegeven om deze controleacties verder te zetten in de periode 2 september 2024 tot en met 31 december 2024.
Ook in die periode zijn de acties in de stationsbuurten (trein – treinstation en omgeving) resultaten blijven opleveren, in die zin dat er heel wat onregelmatigheden werden vastgesteld. Over de gehele periode geeft dit volgende vaststellingen van de politie volgend uit 7 gecoördineerde acties van september 2024 t.e.m. december 2024 in de stationsomgevingen van Wervik, Ieper en Poperinge (allen verbonden met spoorlijn 69): 11 arrestaties, 71 gerechtelijke PV, …
Bij besluit van de burgemeester van 23 december 2024 werd goedkeuring gegeven om deze controleacties verder te zetten in de periode 1 januari 2025 tot en met 30 juni 2025.
Ook in die periode zijn de acties in de stationsbuurten (trein – treinstation en omgeving) resultaten blijven opleveren, in die zin dat er heel wat onregelmatigheden werden vastgesteld. Over de gehele periode geeft dit volgende vaststellingen van de politie volgend uit 7 gecoördineerde acties van januari 2025 t.e.m. juni 2025 in de stationsomgevingen van Wervik, Ieper en Poperinge (allen verbonden met spoorlijn 69): 4 arrestaties, 82 bestuurlijke en/of gerechtelijke PV, …
Bij besluit van de burgemeester van 24 juli 2025 werd goedkeuring gegeven om deze controleacties verder te zetten in de periode 1 september 2025 tot en met 28 februari 2026.
Ook in die periode zijn de acties in de stationsbuurten (trein – treinstation en omgeving) resultaten blijven opleveren, in die zin dat er heel wat onregelmatigheden werden vastgesteld. Over de gehele periode geeft dit volgende vaststellingen van de politie volgend uit 7 gecoördineerde acties van september 2025 t.e.m. december 2025 in de stationsomgevingen van Wervik, Ieper en Poperinge (allen verbonden met spoorlijn 69): 27 gerechtelijke arrestaties, 1 bestuurlijke arrestatie,…
In overleg binnen de politiezone en na afstemming met de betrokken buurgemeentes werd vastgesteld dat de stationsbuurten blijvende aandacht vragen op het vlak van veiligheid en openbare orde. Deze problematiek wordt zowel binnen de reguliere politiewerking opgevolgd als via gerichte acties.
Om gericht te kunnen optreden, wenst de politie systematische identiteitscontroles en fouilleringen uit te voeren in de context van artikel 34 van de Wet op het Politieambt binnen de stationsperimeter (het stationsgebouw met een circulaire perimeter van 700 meter).
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd toelating te verlenen voor deze controleacties tot en met 31 augustus 2026.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 19 ja stemmen en 10 onthoudingen (de raadsleden Bolle, V. Despeghel, Verkruysse, N. Vandamme, W. Vandamme, Bossaert, Bibuljica, Deygers, Louwyck en Stubbe):
Artikel 1: Vanaf 1 april 2026 tot en met 31 augustus 2026 zijn stelselmatige identiteitscontroles en fouilleringen van personen door de leden van de lokale politiezone Arro Ieper en de leden van de politiediensten waarmee zij samenwerken, in de context van artikel 34 van de wet op het politieambt, gelegitimeerd binnen de geografisch vooropgestelde perimeter, met name het stationsgebouw en een perimeter met een straal van 700 meter rond het stationsgebouw.
Artikel 2: Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de korpschef van de politiezone Arro Ieper.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 41, §1, 1° (het geraamde bedrag excl. btw bereikt de drempel van 216.000,00 EUR niet), en meer bepaald artikels 2, 36° en 48 die een gezamenlijke realisatie van de opdracht in naam en voor rekening van meerdere aanbesteders toelaat.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Op basis van de voorziene budgettering opgenomen binnen de MJP wordt voorgesteld om volgende voertuigen te vervangen door nieuwe of jonge tweedehands voertuigen.
Per te vervangen voertuig werd dit binnen de aanbesteding in percelen opgedeeld, hierbij werd steeds een verplichte overname voorzien.
Er werd een 5e perceel opgenomen waarbij het voertuig voor de klusjesdienst van het Zorgnetwerk type Peugeot Partner - bouwjaar 2011 (15 jaar oud) voorgesteld wordt te vervangen.
Reden waarom wordt vervangen.
- Ouderdom van de voertuigen.
- Algemene slijtage en onderdelen.
- Op korte termijn niet meer in orde te krijgen voor keuring door het niet meer kunnen verkrijgen van onderdelen.
- Kosten om deze voertuigen in werking te houden lopen te hoog op waardoor een vervanging volgens de kosten-baten analyse de economisch meest interessante optie is.
- Nieuwe voertuigen afgestemd op de noden van de diensten ifv efficiënte werking.
In het kader van de opdracht “Vervanging van voertuigen voor Groendienst, NetIeper en Zorgnetwerk 2026” werd een bestek met nr. 2026/GD_18/STAD.
Deze opdracht is opgedeeld in volgende percelen:
* Perceel 1 (Kleine bestelwagen enkele cabine), raming: 25.619,84 EUR excl. btw of 31.000,00 EUR incl. 21% btw;
* Perceel 2 (Middelgrote bestelwagen met enkele cabine), raming: 31.818,18 EUR excl. btw of 38.500,00 EUR incl. 21% btw;
* Perceel 3 (Middelgrote bestelwagen met dubbele cabine), raming: 35.123,97 EUR excl. btw of 42.500,00 EUR incl. 21% btw;
* Perceel 4 (Kleine bestelwagen met enkele cabine met kipper en materiaalkoffer), raming: 39.669,42 EUR excl. btw of 48.000,00 EUR incl. 21% btw;
* Perceel 5 (Grote bestelwagen met dubbele cabine), raming: 35.123,97 EUR excl. btw of 42.500,00 EUR incl. 21% btw.
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 167.355,38 EUR excl. btw of 202.500,00 EUR incl. 21% btw.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Het betreft een gezamenlijke opdracht waarbij het aangewezen is dat Stad Ieper de procedure zal voeren en in naam van OCMW Ieper bij de gunning van de opdracht zal optreden.
Gezamenlijk aankopen kan leiden tot betere prijszetting en administratieve vereenvoudiging.
Perceel 1, perceel 2, perceel 3 en perceel 4:
| Jaar |
Budgetartikel |
Budget |
Reeds vastgelegd |
Oud beschikbaar |
Voorgesteld |
Nieuw beschikbaar |
Datum consultatie |
|
| 2026 |
ACS118 0680-0 243000 |
178.500,00 EUR |
54.131,18 EUR |
124.368,22 EUR |
160.000,00 EUR
|
-35.631,18 EUR* |
11 maart 2026 |
|
| 2027 |
ACS118 0680-0 243000 |
50.000,00 EUR |
0 |
0 |
0 |
50.000,00 EUR |
11 maart 2026 |
|
|
|
Totaal |
228.500 EUR |
54.131,18 EUR |
174.68,22 EUR |
160.000,00 |
14.368,82 EUR |
11 maart 2026 |
Budget 2027 wordt vooruitgeschoven naar 2026 bij de eerstvolgende meerjarenplanwijziging.
Perceel 5: Grote bestelwagen met dubbele cabine
| Jaar |
Budgetartikel |
Budget |
Reeds vastgelegd |
Oud beschikbaar |
Voorgesteld |
Nieuw beschikbaar |
Datum consultatie |
|
| 2026 |
ACO095911/0959-1/243000 |
74.150,99 EUR |
0 |
74.150,99 EUR |
42.500,00 EUR
|
31.650,99 EUR |
11 maart 2026 |
|
In bijlage:
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met 19 ja stemmen tegen 10 neen stemmen (de raadsleden Bolle, V. Despeghel, Verkruysse, N. Vandamme, W. Vandamme, Bossaert, Bibuljica, Deygers, Louwyck en Stubbe):
Artikel 1: Het bestek met nr. 2026/GD_18/STAD en de raming voor de opdracht “Vervanging van voertuigen voor Groendienst, NetIeper en Zorgnetwerk 2026” worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt 167.355,38 EUR excl. btw of 202.500,00 EUR incl. 21% btw.
Artikel 2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Artikel 3: Stad Ieper wordt gemandateerd om de procedure te voeren en in naam van OCMW Ieper bij de gunning van de opdracht op te treden.
Artikel 4: In geval van een juridisch geschil omtrent deze overheidsopdracht, is elk deelnemend bestuur mee verantwoordelijk voor alle mogelijke kosten in verhouding tot zijn aandeel in de opdracht.
Artikel 5: Afschrift van deze beslissing wordt bezorgd aan de deelnemende besturen.
Artikel 6: De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
Artikel 7: De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2026 budgetcode ACS118 0680-0 243000 (percelen 1, 2, 3 en 4) en budgetcode ACO095911/0959-1/243000 (perceel 5). Het huidig budget 2027 zal verschoven worden naar 2026 bij de eerstvolgende budgetwijziging.
Artikel 8: Het College van Burgemeester en Schepenen te gelasten met de uitvoering van deze beslissing.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22.12.2017 en latere wijzigingen, in bijzonder de artikel 40,41 en 56, inzake de bevoegdheden van de gemeenteraad en het College van Burgemeester en Schepenen.
Decreet houdende de gemeentewegen van 03 mei 2019.
Gecodificeerde decreten Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening) van 15/05/2009.
Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Besluit van de gemeenteraad van 25 februari 2019, vaststelling van de gemeentelijke procedure voor het uitvoeren van uitrustings- en infrastructuurwerken bij verkavelings- en groepswoningbouwprojecten en goedkeuring van het stappenplan voor het bekomen van een omgevingsvergunning voor het verkavelen of bijstellen van een verkaveling of een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen voor een bouwproject met openbare wegenis.
Op Ter Waarde is slechts één in- en uitrit aanwezig (rotonde Pilkemseweg), die zowel gebruikt dient te worden door voetgangers, fietsers als voertuigen. Om de site doorwaardbaarder én veiliger in te richten is het wenselijk om enkel nieuwe voetgangers- en fietsdoorsteken te voorzien. Ook voor fietsers die gebruik maken van de fietstunnel onder de Noorderring (kruising Briekestraat) is momenteel een omrijfactor via de Briekestraat en Pilkemseweg aanwezig van ongeveer 1 kilometer, met onderweg een 3-tal kruispunten.
Samen met de provincie en WVI wenst het stadsbestuur twee doorsteken te voorzien op Ter Waarde, die bruikbaar zijn voor voetgangers en fietsers. Cfr. het gemeentewegendecreet betreft het de aanleg van buurtwegen.
Tussen Pilkemseweg en Ter Waarde
Op het laatste gedeelte van de Pilkemseweg, tussen huisnummer 98 en Ter Waarde is geen voetpad aanwezig. Vanwege de huidige bomen zijn er geen mogelijkheden om een voetpad te voorzien naar Ter Waarde toe. Hierdoor begeven voetgangers die de verbinding maken tussen het stadscentrum en Ter Waarde (politie, stadshuis,…) zich op de rijbaan. Het is wenselijk een verbinding te voorzien tussen het einde van het voetpad Pilkemseweg en de rotonde op het einde van de pijpekop op Ter Waarde, langsheen het Wit-Gele Kruis. Deze doorsteek kan ook dienstig zijn voor fietsers die een kortere bypass kunnen nemen richting de nabijgelegen bedrijven. Hierbij kan het voetpad langsheen de Pilkemseweg eerst nog een stuk worden doorgetrokken.
Concreet gaat het om 20 m voetpad langs de Pilkemseweg en +/- 75 meter doorsteek op Ter Waarde.
Concreet gaat het over een doorsteek van +/- 200 meter. Ter hoogte van Ter Waarde dient de borduur te worden verlaagd om een naadloze verbinding te maken tussen doorsteek en huidige rijbaan.
Tussen Pilkemseweg en Ter Waarde
Ter Waarde ligt op een beperkte afstand van de fietstunnel Briekestraat. Gezien er momenteel maar één inrit is (via de Pilkemseweg) dienen fietsers ongeveer 1 kilometer om te rijden, langsheen drie kruispunten. Het is wenselijk een rechtstreekse verbinding te voorzien, naast de terreinen van Fluvius.
Maatvoering, materialisatie en randvoorwaarden
Het pad wordt 2,5 meter breed aangelegd. Dit in ternair zand met aan weerszijden een betonnen boordsteen. Een gelijkaardig pad werd aangelegd door het Astridspark in het centrum.
Resultaten openbaar onderzoek
In toepassing van art. 47 van het besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning neemt de gemeenteraad een beslissing over de voorgestelde wegenwerken en neemt zij daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek teneinde deze mee te nemen in de bespreking. Volgens de toelichting van het besluit bespreekt de gemeenteraad enkel de bezwaren die handelen over de zaak der wegen
Het openbaar onderzoek liep van 19 februari 2026 tot en met 20 maart 2026. Daarbij werd 1 bezwaarschrift ontvangen. Het bezwaarschrift kan als volgt samengevat worden:
'De fietsdoorsteekplaatsen die onderzocht worden, vinden wij en onze buren absoluut geen goed plan. Het zorgt voor veel passage en een groot verlies aan privacy. Dit voor al de omwonenden in de Briekestraat. Wij hebben dan ook een tegenvoorstel die ervoor zorgt dat de fietsdoorsteek alsnog zou kunnen doorgaan, maar waarbij de mensen hierbij hun privacy niet verliezen en de doorsteek toch kan bewerkstelligd worden.
Voordelen van mijn voorstel:
Evaluatie van het bezwaarschrift:
Bezwaarindiener lijkt uit de aanvraag begrepen te hebben dat de doorsteek voorzien wordt achter alle woningen in de Briekestraat. Dit klopt echter niet. De aanvraag is reeds voorzien zoals bezwaarindiener zelf voorstelt. In die zin kan het bezwaarschrift ontvankelijk maar ongegrond verklaard worden.
Aftoetsing Gemeentewegendecreet
De aanvraag is volledig conform de doelstellingen van het Gemeentewegendecreet, zoals bepaald in artikel 3:
Artikel 3. ( 01/09/2019 - ... )
Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.
Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:
1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;
2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1 : In functie van de bespreking kennis te hebben genomen van de standpunten, opmerkingen en bezwaren m.b.t. de zaak van de wegen die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek.
Artikel 2 : Goedkeuring wordt verleend aan 'de zaak der wegen', met name het wegentracé en de rooilijn conform de plannen van omgevingsaanvraag met projectnummer OMV_2026018873 om twee doorsteken aan te leggen in Ter Waarde, kadastraal gekend Ieper, afdeling 6, sectie B , 324N4, in uitvoering van artikel 31, eerste lid van het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014 en artikel 47 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en het Decreet houdende de Gemeentewegen.
De stad Ieper ondertekende de Burgemeestersconvenant 2030, met duurzame ontwikkelingsdoelstellingen.
Het Lokaal Energie- en Klimaatpact van de Vlaamse Regering en de Vlaamse steden en gemeenten van 4 juni 2021 aangaande de verbintenissen en het engagement inzake de algemene engagementen en de vier werven met de 16 specifieke doelstellingen.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018).
De stad Ieper ondertekende het Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0 op 4 oktober 2021 en het Lokaal Energie- en Klimaatpact 2.0 op 7 november 2022.
Vlaanderen en de lokale besturen slaan met het Lokaal Energie- en Klimaatpact sinds 2021 de handen in elkaar om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken. Het LEKP 2.0 geeft een vervolg aan het LEKP 1.0 en bevat een aanscherping van de klimaatambities die in LEKP 1.0 werden vooropgesteld.
Binnen het Lokaal Energie- en Klimaatpact wordt een jaarlijkse inhoudelijke rapportering met betrekking tot de voortgang opgemaakt. De rapportering wordt ter aktename voorgelegd aan de gemeenteraad en bij Agentschap Binnenlands Bestuur ingediend samen met het sjabloon financiële rapportage.
Alle projecten worden gerapporteerd die gerealiseerd of opgestart werden vanaf 01/01/2025 tot en met 31/12/2025 en zijn terug te vinden in het sjabloon in bijlage. De tabel in bijlage werd aangevuld met nog eigen acties uitgevoerd in 2025 waar de stad inspanningen deed om de CO2-uitstoot te reduceren en in uitvoering van het klimaatplan.
Met de ondertekening van het LEKP 1.0 engageerde stad Ieper zich om:
Het Burgemeestersconvenant 2030 te ondertekenen en uit te werken;
Een gemiddelde jaarlijkse primaire energiebesparing van minstens 2,09 % te realiseren in de eigen gebouwen (inclusief technische infrastructuur, exclusief onroerend erfgoed);
Een reductie van de CO2-uitstoot van de eigen gebouwen en technische infrastructuur met 40 % in 2030 ten opzichte van 2015 te realiseren;
Tegen ten laatste 2030 de openbare verlichting te verledden;
Het draagvlak voor hernieuwbare energie te verhogen, geen heffing op hernieuwbare energie-installaties in te voeren en bestaande, zoals de heffing op pylonen van windmolens, af te bouwen tegen ten laatste 2025;
Lokale warmte- en sloopbeleidsplannen op te maken;
Burgers, bedrijven en verenigingen te stimuleren om samen met het lokaal bestuur de concrete en zichtbare streefdoelen uit de 4 werven van het Pact te behalen:
1. Laten we een boom opzetten
- Eén boom extra per Vlaming tegen 2030
- Een halve meter extra haag of geveltuinbeplanting per Vlaming tegen 2030
- Eén extra natuurgroenperk per 1.000 inwoners tegen 2030
2. Verrijk je wijk
- 50 collectief georganiseerde energiebesparende renovaties per 1.000 wooneenheden vanaf 2021 t.e.m. 2030
- 1 coöperatief/participatief hernieuwbaar energieproject per 500 inwoners tegen 2030 die samen voor een totaal geïnstalleerd vermogen zorgen van 216 MW vanaf 2021 t.e.m. 2030
3. Elke buurt deelt en is duurzaam bereikbaar
- Per 1.000 inwoners 1 “toegangspunt” voor een (koolstofvrij) deelsysteem tegen 2030
- Per 100 inwoners 1 laadpunt tegen 2030
- 1 m nieuw of structureel opgewaardeerd fietspad extra per inwoner vanaf 2021 t.e.m. 2030
4. Water het nieuwe goud
- 1m² ontharding per inwoner vanaf 2021 t.e.m. 2030
- Per inwoner 1m³ extra opvang van hemelwateropvang voor hergebruik, buffering en infiltratie voor regenwater vanaf 2021 t.e.m. 2030
Met de ondertekening van het LEKP 2.0 engageerde de stad zich bijkomend om:
De doelstelling m.b.t. CO2-reductie voor eigen gebouwen en technische infrastructuur wordt verhoogd van -40 % naar -55 % CO2-emissies tegen 2030. De scope van deze doelstelling voor CO2-reductie wordt daarnaast uitgebreid naar eigen mobiliteit. De primaire energiebesparingsdoelstelling wordt aangescherpt naar -3 % per jaar vanaf 2023.
Geen principiële schepencollege- of gemeenteraadsbeslissing meer te nemen m.b.t. lokale heffingen op elektriciteitsmasten en sleuven van ELIA.
Aanpassingen in de streefdoelen onder de 4 werven:
Nieuwe uitdagingen onder werf 2:
- 25 fossielvrije renovaties onder de 50 collectieve renovaties per 1.000 wooneenheden tegen 2030.
- De inwoners van 50 per 1.000 wooneenheden worden uitgenodigd voor een klimaattafel ter bespreking van een wijkgerichte aanpak voor einde 2024.
Nieuwe uitdaging onder werf 3:
- 1,5 in plaats van 1 (semi-)publieke laadequivalenten per 100 inwoners tegen 2030.
Voor een vierde maal bezorgt de stad uiterlijk op 1 mei 2026 een rapportering met betrekking tot de voortgang van het Lokaal Energie en Klimaatpact, nadat deze aan de gemeenteraad is voorgelegd. De inhoudelijke rapportage, de financiële rapportage en de gemeenteraadsbeslissing moeten opgeladen worden in het digitaal loket.
Voor de inhoudelijke rapportering wordt gebruik gemaakt van het Lokaal Klimaatpactportaal. Dit Pactportaal bundelt en volgt de resultaten van de LEKP-doelstellingen van de lokale besturen binnen hun grondgebied op.
Volgende zaken kunnen we concluderen uit de rapportering:
Het aanplanten van nieuwe bomen verloopt succesvol. Zo beoogt Ieper tegen 2030 een totaal van 35.587 nieuwe bomen aan te planten, en tot op heden zijn er al 33.191 geplant.
Collectieve renovaties en coöperatieve hernieuwbare energieprojecten blijven achter.
Deelmobiliteit groeit met de uitbreiding van autodeelplatforms.
De laadinfrastructuur wordt uitgebreid, met extra locaties voor laadpalen en een hoger percentage laadpuntequivalenten dan het Vlaamse gemiddelde.
Er werden energie- en CO2-besparingen gerealiseerd in het stadspatrimonium door onder andere heel wat extra zonnepanelen op stadsgebouwen, en door de restauratie van de Lakenhallen.
De totale CO2-uitstoot Ieper is in 2023 met 18,75 % verminderd ten aanzien van het referentiejaar 2011 (deze berekening gebeurde via het Burgemeestersconvenant).
Fluvius heeft inmiddels 70 % van de Ieperse openbare verlichting omgeschakeld naar LED-lampen.
Lokale warmte- en sloopbeleidsplannen moeten nog opgemaakt worden.
Voor het werkingsjaar 2025 (waarover nu wordt gerapporteerd) ontvingen we 197.553,70 euro. Dit bedrag werd uitbetaald in april 2025.
Aan de lopende acties binnen het klimaatpact wordt gevraagd deze op te nemen in het sjabloon met het gespendeerde bedrag plus de actiecode om te rapporteren. Voor iedere euro die we ontvangen wordt er verwacht een euro uit te geven.
Bij de rapportage komen we nu aan 1.531.838,50 euro investeringen, dus ruim boven de 395.107,40 euro als verwachte rapportage.
De verwachte subsidie voor 2026 bedraagt 48.139,02 euro (te ontvangen april 2026), gezien er enkel nog toelage voor LEKP 1.0 bestaat (toelage LEKP 2.0 werd vanuit Vlaanderen geschrapt).
Het werkingsjaar 2026 dient nog één keer gerapporteerd. Vanaf 2026 is er geen subsidiëring meer en zal het rapporteringsplatform ophouden te bestaan.
De gemeenteraad neemt akte van de rapportage van het Lokaal Energie- en Klimaatpact 2025.
Op 7 december 2020 keurde de gemeenteraad de samenwerkingsovereenkomst tot opmaak van het PRUP voor de herziening van de afbakening van het kleinstedelijk gebied Ieper goed.
Op 4 december 2023 keurde de gemeenteraad het addendum 1 aan de samenwerkingsovereenkomst tot opmaak van het PRUP Strategische Spie goed.
Op 30 juni 2025 keurde de gemeenteraad het addendum 2 aan de samenwerkingsovereenkomst tot opmaak van het PRUP Strategische Spie goed.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
Voorwerp van de samenwerkingsovereenkomst
Het voorwerp van de samenwerkingsovereenkomst tussen de provincie West-Vlaanderen en de stad Ieper is de herziening van de afbakening van het kleinstedelijk gebied Ieper. Vanuit het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen heeft de provincie de bevoegdheid om kleinstedelijke gebieden ontwikkelingsperspectieven te geven en af te bakenen. Ieper is bindend geselecteerd als structuurondersteunend kleinstedelijk gebied.
De overeenkomst houdt enkel het planningsaspect in en omvat geen engagement wat betreft uitvoering.
De samenwerkingsovereenkomst tot opmaak van het PRUP voor de herziening van de afbakening van het kleinstedelijk gebied Ieper goed werd op 7 december 2020 door de gemeenteraad goedgekeurd.
Het addendum 1 tot opmaak van het PRUP Strategische Spie inclusief planMER als afzonderlijk plan werd op 4 december 2023 door de gemeenteraad goedgekeurd.
Het addendum 2 voor de ontwerpopdracht tot ‘Uitwerking van de scenario’s voor de Oudstrijderslaan’ in het kader van de opmaak van het PRUP ‘Strategische Spie’ werd door de gemeenteraad op 30 juni 2025.
Met voorliggend addendum 3 wordt de ontwerpopdracht tot opmaak van een beeldkwaliteitsplan parallel aan de opmaak van het PRUP voorgesteld. De opdracht omvat de opmaak van een beeldkwaliteitsplan voor de zones buiten de eigendom van Defensie. Dit plan bouwt verder op het reeds geleverde studiewerk en moet een visie voor de gewenste ruimtelijke en architecturale kwaliteit binnen het gebied, in relatie tot het historische landschap en de bredere ontwikkelingsambities voor de Strategische Spie, schetsen.
ARTIKEL I: De volgende artikelen van de samenwerkingsovereenkomst worden aangevuld als volgt:
Artikel 6: Verbintenissen omtrent de inhoudelijke bijdrage van de partijen aan het project
6.2. Verbintenis vanuit de Provincie West-Vlaanderen
De provincie verbindt zich bijkomend tot:
- Het aanbesteden en opvolgen van de studie- en ontwerpopdracht: ‘Opmaak beeldkwaliteitsplan Strategische Spie (Ieper)’ in het kader van de opmaak van het PRUP ‘Strategische Spie’.
De overige bepalingen van artikel 6 blijven ongewijzigd van toepassing.
Artikel 7: Financiering van de opdracht
De volgende wederzijdse afspraken in verband met betalingsmodaliteiten worden gemaakt:
- De provincie West-Vlaanderen betaalt 2/3 van de kosten voor de opmaak van de studie- en ontwerpopdracht: ‘Opmaak beeldkwaliteitsplan Strategische Spie (Ieper)’ in het kader van de opmaak van het PRUP ‘Strategische Spie’. De provincie voorziet daarnaast ook personeelsinzet.
- De stad Ieper betaalt 1/3 van de kosten voor de opmaak van de studie- en ontwerpopdracht: ‘Opmaak beeldkwaliteitsplan Strategische Spie (Ieper)’ in het kader van de opmaak van het PRUP ‘Strategische Spie’. De stad Ieper voorziet daarnaast ook personeelsinzet.
De overige afspraken van artikel 7 blijven ongewijzigd van toepassing.
ARTIKEL II: De overige bepalingen van de samenwerkingsovereenkomst blijven ongewijzigd van toepassing.
ARTIKEL III: Dit addendum treedt in werking op de datum dat de gemeenteraad en de provincieraad dit addendum hebben goedgekeurd.
De studieopdracht wordt geraamd op 70.000 euro incl btw.
AC078 - AP001 BD01 0610-0 214000 (MJP 2026): 23.334 EUR wordt voorzien als aandeel van de stad (1/3) voor het aanbesteden en opvolgen van de studieopdracht tot opmaak van het beeldkwaliteitsplan in het kader van de opmaak van het PRUP ‘Strategische Spie’.
| Jaar | Budgetartikel | Budget | Reeds vastgelegd | Oud beschikbaar | Voorgesteld | Nieuw beschikbaar | Datum consultatie |
| 2026 | AC078 - AP001 BD01 0610-0 214000 | € 104.478,88 | € 70.526,12 | € 67.452,76 | € 23.334 | € 44.118,76 | 4 maart 2026 |
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: het addendum 3 aan de samenwerkingsovereenkomst tussen de provincie West-Vlaanderen en de stad Ieper betreffende de opmaak van het beeldkwaliteitsplan bij het PRUP Strategische Spie goed te keuren.
Artikel 2: onderhavige beslissing over te maken aan de deputatie.
Artikel 3: het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 4: deze beslissing aan de toezichthoudende overheid voor te leggen overeenkomstig de wettelijke bepalingen ter zake.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van 140.000,00 EUR niet).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.
In het kader van de opdracht “Aanstellen van een ontwerper voor opmaak van een beeldkwaliteitsplan strategische spie” werd een bestek opgemaakt door de Provincie West-Vlaanderen.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 57.851,24 EUR excl. btw of 70.000,00 EUR incl. 21% btw waarvan 23.334 EUR incl. 21% btw wordt voorzien als aandeel van de stad (1/3).
Voorgesteld wordt de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
| Jaar |
Budgetartikel |
Budget |
Reeds vastgelegd |
Oud beschikbaar |
Voorgesteld |
Nieuw beschikbaar |
Datum consultatie |
| 2026 |
AC079/0610-0/214000 |
€ 137.978,88 |
€ 70.526,12 |
€ 67.452,76 |
€ 23.334,00 |
€ 44.118,76 |
4 maart 2026 |
In bijlage:
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: Goedkeuring wordt gehecht aan het bestek en de raming voor de opdracht “Aanstellen van een ontwerper voor opmaak van een beeldkwaliteitsplan strategische spie”, opgesteld door de opdrachtgever, Provincie West-Vlaanderen. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt 57.851,24 EUR excl. btw of 70.000,00 EUR incl. 21% btw.
Artikel 2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Artikel 3: De uitgave voor deze opdracht, 23.334,00 EUR incl. 21% btw, is voorzien in het investeringsbudget van 2026, op budgetcode 0610-0/214000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie AC079).
De verslagen en adviezen van 2025 zijn raadpleegbaar op het Extranet Raadsleden (documentdeelplatform voor raadsleden).
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn navolgende wijzigingen.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 19 mei 2000 tot vaststelling van nadere regels voor de samenstelling, de organisatie en de werkwijze van de provinciale en gemeentelijke commissies voor ruimtelijke ordening, artikel 4.
Besluit van de Vlaamse Regering van 3 juli 2009 tot vaststelling van een deontologische code.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 19 mei 2000 tot vaststelling van nadere regels voor de samenstelling, de organisatie en de werkwijze van de provinciale en gemeentelijke commissies voor ruimtelijke ordening, artikel 4.
Tijdens de vergadering van 10 maart 2025 heeft de GECORO het jaarverslag over de werking van de GECORO, de door de GECORO verrichte activiteiten en het beheer van de werkingsmiddelen tijdens het kalenderjaar 2025 besproken en goedgekeurd.
Het jaarverslag 2025 van de GECORO bevat acht hoofdstukken:
De voorzitter van de GECORO moet over o.a. het beheer van de werkingsmiddelen verslag uitbrengen aan de gemeenteraad.
Op basis van deze overwegingen beslist de gemeenteraad kennis te nemen van het bij dit besluit gevoegde jaarverslag 2025 over de werking van de GECORO, de door de GECORO verrichte activiteiten en het beheer van de werkingsmiddelen tijdens het kalenderjaar 2025.
De interlokale vereniging op het vlak van intergemeentelijke preventiewerking tussen Heuvelland, Poperinge en Vleteren werd in 2020 opgericht. Poperinge is beheerder en ontvangt hiervoor jaarlijkse subsidies. In 2025 besliste lokaal bestuur Vleteren om uit het intergemeentelijke samenwerkingsverband te stappen. Tegelijk werd vanuit het lokaal bestuur Ieper de vraag naar toetreding tot de interlokale vereniging gesteld.
Aan de samenwerkingsovereenkomst 2020-2024 werd een addendum toegevoegd dat de verlenging van de werking Heuvelland-Poperinge-Vleteren met één jaar (tot eind 2025) mogelijk maakt.
Dit gaf de besturen van Heuvelland, Ieper en Poperinge de mogelijkheid om de praktische modaliteiten verder uit te werken in de vorm van een samenwerkingsovereenkomst en huishoudelijk reglement.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
Preventief gezondheidsbeleid
De Vlaamse overheid ondersteunt lokale besturen bij het uitwerken en implementeren van een preventief gezondheidsbeleid via Gezondheidsmakers en Gezond in Brussel (voorheen de Logo’s). Deze organisaties bieden:
Gemeenten die samenwerken rond preventieve gezondheid kunnen in aanmerking komen voor subsidies om een intergemeentelijke preventiewerking uit te bouwen. Gezondheidsmakers ondersteunen de intergemeentelijke preventiewerkers. De concrete voorwaarden worden vastgelegd in een besluit van de Vlaamse Regering.
Een financiële ondersteuning voor lokale besturen
Er wordt 1,5 miljoen euro vrijgemaakt om lokale besturen een financiële stimulans te geven als ze samen met ten minste één aanpalende gemeente binnen een eerstelijnszone, een lokale preventiewerking uitbouwen. Het bedrag van de subsidie bedraagt 3.000 euro per gemeente, vermeerderd met een bedrag per inwoner. Het aantal inwoners dat in aanmerking komt voor subsidie wordt ‘gewogen’. Dit betekent dat inwoners die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming in het kader van het RIZIV, dubbel worden geteld. Het bedrag per gewogen aantal inwoners bedraagt 0,08 euro. Het subsidiebedrag wordt jaarlijks geïndexeerd (sinds 2019).
Aan die bijkomende gereglementeerde subsidie zijn voorwaarden verbonden: de samenwerkende gemeenten voorzien elk zelf in een cofinanciering die minstens even groot is als die van de Vlaamse Gemeenschap, en engageren zich om met de voorziene subsidie en de eigen inbreng, personeel in te zetten voor de lokale preventiewerking.
Voor Stad Ieper betekent dit een subsidie van 8.282 euro. Wanneer Stad/OCMW Ieper instapt in Gezonde Gemeente, dient een gelijk bedrag in personele middelen te worden voorzien. Dit komt neer op een personele inzet van 0,2 VTE, waarvan de helft wordt gesubsidieerd door Zorg Vlaanderen.
Intergemeentelijk samenwerkingsverband Poperinge - Heuvelland - Ieper
Het Vast Bureau stelt voor om samen te werken met de Stad Poperinge en de gemeente Heuvelland in kader van Gezonde Gemeente.
De samenwerking tussen Poperinge, Heuvelland en Ieper krijgt vorm onder het statuut Interlokale Vereniging volgens het decreet Lokaal Bestuur. Een interlokale vereniging is een intergemeentelijk samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid en zonder beheersoverdracht. De vereniging wordt opgericht vanaf 1 januari 2026 en loopt tot 31 december 2030.
Er werd eveneens een huishoudelijk reglement opgemaakt.
De voornaamste afspraken zijn:
De intergemeentelijke preventiewerker
De taken van de intergemeentelijke preventiewerker bestaan er in bij te dragen tot het realiseren van de beleidsdoelstellingen van het Vlaamse preventieve gezondheidsbeleid en van de Vlaamse gezondheidsdoelstellingen in het bijzonder door methodieken toe te passen (zie: www.preventiemethodieken.be). De gemeenten kiezen zelf op welke preventiethema’s ze prioritair inzetten.
De gemeenten kunnen zelf het werkgeverschap opnemen, of ze kunnen dit toewijzen aan een andere organisatie (bv. gezondheidsmakers). Ook de standplaats van de preventiewerker wordt binnen de samenwerkingsverband overeengekomen. Gemeenten bepalen ook zelf welk profiel ze gebruiken in termen van opleiding en anciënniteit, zolang het gaat om personen met de nodige competenties op het gebied van preventie.
De intergemeentelijke preventiewerking kan rekenen op Gezondheidsmakers voor een gedegen inhoudelijke ondersteuning.
In het voorstel tot samenwerken stellen Poperinge en Ieper zelf een preventiemedewerker aan. Heuvelland zal beroep doen op de medewerker van Poperinge.
Daarnaast beperkt de inzet van het stadsbestuur zich tot de inbreng van personele middelen van 0,2 VTE. Daartegenover staat een ontvangst van 8.282 euro van Zorg Vlaanderen.
| Subsidie '26 |
50% cofinanciering |
Te verantwoorden personeelsinzet |
||
| Poperinge |
€ 6.245,00 |
€ 6.245,00 |
€ 12.490,00 |
0,15 VTE
|
| Heuvelland |
€ 4.746,00 |
€ 4.746,00 |
€ 9.492,00 |
0,1 VTE |
| Ieper |
€ 8.282,00 |
€ 8.282,00 |
€ 16.564,00 |
0,2 VTE |
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: De samenwerkingsovereenkomst en huishoudelijk reglement Interlokale Vereniging Intergemeentelijke Preventiewerking Heuvelland, Ieper en Poperinge goed te keuren.
Artikel 2: Schepen Eva Ryde af te vaardigen voor het beheerscomité intergemeentelijke preventiewerking, met als plaatsvervanger Peter De Groote.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
Vlaamse Codex Wonen van 2021, meer bepaald artikels 6.12 t.e.m. 6.14.
Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, meer bepaald artikels 6.22 t.e.m. 6.28.
Op 4 december 2023 en naar aanleiding van de vorming van de nieuwe woonmaatschappijen, werd door de gemeenteraad van Ieper het toewijzingsreglement voor Ons Onderdak goedgekeurd.
In de toewijzingsraad van 15 oktober 2025 werd gevraagd om aanpassingen aan het toewijzingsreglement door te voeren. Hieronder een overzicht van de belangrijkste aanpassingen:
Daarnaast schrijft de regelgeving ook voor dat de woonmaatschappij de gemeente op de hoogte brengt van de beslissingen met betrekking tot de versnelde toewijzingen (pijler 2). De gemeenteraad kan hiervan enkel kennis nemen en kan het het ontwerp van toewijzingsreglement enkel amenderen voor wat betreft de strengere woonbinding en de specifieke doelgroepen.
Volgende aanpassing wordt doorgevoerd mbt pijler 2, versnelde toewijzing:
De woonmaatschappij integreert de goedgekeurde toewijzingsreglementen in het definitieve toewijzingsreglement. De woonmaatschappij bezorgt vervolgens het toewijzingsreglement aan de minister opdat deze toezicht kan uitoefenen.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: Goedkeuring te verlenen aan het ontwerp van toewijzingsreglement zoals voorgelegd door de toewijzingsraad van Woonmaatschappij Ons Onderdak.
Artikel 2: Kennis te nemen van van de genomen beslissingen door Woonmaatschappij Ons Onderdak met betrekking tot de versnelde toewijzingen (pijler 2).
Veldrijden blijft een populaire wintersport in de Lage Landen. Ook verschillende Ieperlingen beoefenen deze sport, zowel recreatief als competitief. Onlangs sprak een Ieperling me aan die het jammer vond dat er in Ieper geen echt crossparcours is voor zijn zoon om te trainen. Kort daarna vertelde de provinciaal kampioen veldrijden bij de nieuwelingen, tijdens de uitreiking van de Ieperse sportprijzen, dat hij het spijtig vindt dat er geen trainingscircuit is in Ieper. Na die uitreiking had ik een goed gesprek met de voorzitter van Wielerteam Ieper. Zij hebben 50 renners in hun ploeg, waarvan 10 à 15 jongeren aan veldrijden doen. Ook zij zouden graag een parcours willen waar ze basistrainingen kunnen geven.
Ik weet dat er in Dikkebus, in het oude slibbekken, beperkte mogelijkheden zijn om te crossen. Maar volgens deskundigen is het circuit te kort en mist het variatie. Daarom traint Wielerteam Ieper vaak in Zonnebeke, Houthulst of zelfs aan de kust. In Zonnebeke en Houthulst hebben ze rond de voetbalvelden een speciaal parcours waar men techniek en vaardigheden kan oefenen.
Een ideaal crosscircuit voor jongeren bestaat uit een gevarieerd parcours met technische en fysieke uitdagingen zoals gras, modder, zand, steile hellingen, afdalingen, trappen, balken en scherpe bochten. Het voordeel is dat er geen dure investeringen nodig zijn om een goed parcours aan te leggen. Met grondoverschotten kunnen we heuvels en afdalingen maken, met oude rioolbuizen kunstmatige hindernissen creëren, enz. De grootste kost is de werkuren voor de aanleg van het terrein. Aangezien de stad zelf over een kraan beschikt, kunnen we deze werken eventueel in eigen regie uitvoeren, waardoor de kosten lager blijven.
De eerste vraag is natuurlijk: wil de stad investeren in zo’n trainingsparcours voor onze veldrijders? Zo ja, aan welke locaties denken jullie?
Je merkt meteen dat een permanent circuit bij bovengenoemde locaties vermoedelijk niet op korte termijn zal komen. Daarom stelt Vooruit Ieper voor om tijdelijk de braakliggende grond van het voormalige goederenstation in te zetten als trainingsparcours. De ruimte tussen de bestaande parking in kasseien en de zone die door de technische dienst wordt gebruikt, ligt er nu ongebruikt bij. Met een oppervlakte van bijna 3 hectare is deze zone ruim genoeg om een tijdelijk circuit te realiseren tot de ontwikkeling van de Strategische Spie start. Door wat hellingen, afdalingen en een zandzone te creëren, kunnen onze veldrijders in hun eigen stad oefenen en hun talent verder ontwikkelen. Bijkomend doen we hier ook ervaring op mochten we later een permanent circuit willen realiseren. Wielerteam Ieper en enkele individuele crossers willen alvast meedenken.
Vooruit Ieper ondersteunt de vraag om een trainingscircuit en wil hierover graag van gedachten wisselen.
Schepen De Groote
Dank voor uw interpellatie. Laat me beginnen met te zeggen dat we de vraag absoluut begrijpen. Veldrijden leeft in Ieper. Jongeren, clubs en individuele sporters tonen engagement en ambitie, en dat verdient erkenning.
Maar net daarom moeten we hier ook eerlijk en verantwoordelijk zijn. Wij gaan geen verwachtingen creëren die we vandaag niet kunnen waarmaken.
Een volwaardig cyclocrossparcours is geen tijdelijke of vrijblijvende inrichting. Het gaat om een technisch uitgebouwd traject van 1 tot 1,5 km, met voldoende breedte, variatie in ondergrond en de nodige hindernissen. Dat vraagt niet alleen ruimte, maar ook investeringen die kunnen oplopen tot 30.000 euro, én structureel onderhoud. Dit is dus een keuze die je doordacht moet maken, niet iets wat je “even tussendoor” realiseert. En als we dan kijken naar de pistes die u aanhaalt, moeten we vaststellen dat die vandaag niet haalbaar zijn.
De omgeving van de Dikkebusvijver is simpelweg niet geschikt voor een volwaardig parcours. Ruimtelijk is de oppervlakte te beperkt, en ecologisch zijn er duidelijke grenzen. De bestaande singletrack in het slibbekken heeft zijn waarde voor recreatief gebruik, maar voldoet niet aan de eisen van de veldritsport en kan dat ook niet worden zonder de draagkracht van het gebied te overschrijden.
De sportsite in Ieper wordt momenteel grondig herbekeken via een masterplan. Dat is net bedoeld om doordachte keuzes te maken voor de toekomst van deze site. Iets wat eigenlijk al in de vorige legislatuur had moeten worden gerealiseerd, nog voor de bouw van het zwembad. Dat hadden wij vanuit CD&V ook aangekaart toen we in de oppositie zaten. Maar dat proces gaan wij niet ondermijnen. Dat zou slecht bestuur zijn en hypothekeert de kwaliteit van het eindresultaat.
Wat de spoorgronden betreft, is er bovendien een duidelijke juridische realiteit. De huidige bestemming laat recreatief gebruik niet toe, ook niet tijdelijk. Daar kunnen wij lokaal niet zomaar van afwijken. Het heeft dan ook weinig zin om pistes naar voren te schuiven die juridisch niet uitvoerbaar zijn.
Wij kiezen er dus bewust voor om niet mee te gaan in oplossingen die op het eerste gezicht aantrekkelijk lijken, maar die bij nader inzien niet haalbaar of niet duurzaam zijn. Geen snelle symboliek, geen halve oplossingen. Wat we wel doen, is deze vraag ernstig nemen en ze inschrijven in de trajecten waar ze wel kans op slagen heeft.
De echte opportuniteiten liggen op middellange termijn. Binnen de ontwikkeling van het regionaal bedrijventerrein biedt de bufferzone potentieel voor recreatief medegebruik. Dat is net een type ruimte waar sport en zachte recreatie op een doordachte manier kunnen worden geïntegreerd, zonder de economische functie te verstoren.
Daarnaast voorziet het PRUP “herziening afbakening kleinstedelijk gebied Ieper”, onder meer ter hoogte van de scholencampus, expliciet ruimte voor openluchtrecreatie. Dat zijn de plaatsen waar we, binnen een correct planologisch kader, kunnen onderzoeken of en hoe een veldritparcours een plaats kan krijgen.
Dat is de keuze die wij maken: niet versnipperd werken, niet ingaan op elke opportuniteit zonder onderbouw, maar gericht investeren in een oplossing die ruimtelijk klopt, juridisch kan en op lange termijn standhoudt.
Dus ja, de vraag is terecht. Maar het antwoord moet even duidelijk zijn: vandaag is realisatie niet mogelijk op de voorgestelde locaties. Wat wij wél doen, is ervoor zorgen dat, wanneer we het doen, we het goed doen – op de juiste plaats, met de juiste omkadering en met een duurzame toekomstvisie voor Ieper.
Raadslid V. Despeghel
Blij dat vraag ondersteund wordt door verschillende partijen aan tafel.
Zelf al meegegeven dat bepaalde zones niet (zomaar) kunnen.
Voor spoorgronden zou wellicht wel een uitzondering kunnen bekomen worden, men kan minstens de vraag stellen.
Dan maar wachten maar is jammer, minstens 5 jaar later.
Het is precies één jaar geleden. dat de middeleeuwse, grafelijke burcht van Ieper ontdekt werd. Deze wellicht 12de eeuwse burchtsite, met mogelijks een 10de eeuws ringfort als oorsprong, speelde een hoofdrol in de ontwikkeling van onze stad. Ondanks aanvankelijke beloftes van de Vlaamse minister van erfgoed, ondanks de inspanning van velen en de duidelijke oproep van bijna 4.000 ondertekenaars binnen en buiten Ieper, om deze uitzonderlijke vondst als cutuurtoeristische topsite voor onze stad te ontsluiten, verdween de burchtsite 6 maanden later onder het zand en een stevige laag beton.
Om de diepe ontgoocheling van velen te verzachten, kwamen er snel uitspraken en beloftes over de realisatie van een digitale en interactieve belevingsmodule die een breed publiek op verrassende wijze zou onderdompelen in het verhaal van de burcht en van de middeleeuwse ontwikkeling van Ieper. Men verwees daarbij vlotjes naar voorbeelden als Historium in Brugge en het abdijmuseum Ten Duinen in Koksijde. Er zou trouwens door diverse onderzoekers heel wat voorbereidend onderzoek verricht en data verzameld zijn als voorbereiding voor een dergelijke, professionele realisatie.
Maar wat is er intussen, een jaar later, gebeurd? Tenzij er initiatieven zijn die stevig achter de schermen verborgen bleven (en dan horen we dat graag!), blijven we op onze honger en worden de beloftes niet ingevuld.
Vorige week dinsdag mochten we tijdens de startavond van toeristische seizoen 2026 vernemen dat er vanuit Yper Museum gewerkt wordt aan een nieuwe tentoonstelling “Ondersteboven van Wonderland”, over de vele archeologische vondsten en onderzoeken naar het middeleeuwse Ieper. We hoorden er echter niets over initiatieven die onze grafelijke burcht terug in beeld zouden brengen.
Nochtans: recent werd door het toeristische bedrijf Westtoer een projectoproep gelanceerd, voorzien van bijna een miljoen euro subsidie door het Vlaamse Gewest, dat een volwaardig initiatief omtrent de burcht van Ieper zou kunnen ondersteunen, met name het project ‘MONUMENTS & MOMENTS, Spraakmakende Expo's en Events'. Als doel van de oproep stelt Westtoer voorop om belangrijke monumenten met een internationale aantrekkingskracht in de Westhoek voor een ruim publiek en op een kwaliteitsvolle en eigentijdse manier betekenisvol te ontsluiten, in samenwerking met de partners uit de regio”. Westtoer mikt hierbij op de periode juni 2027 tot november 2028.
Mijn voorstel is dan ook zeer logisch: alsjeblieft stadsbestuur, reageer positief en neem dit aanbod op. Laat de betrokken diensten als Yper Museum en de dienst Toerisme toe om initiatief te nemen, liefst in samenwerking met de lokale verenigingen en kenners die de enorme geschiedenis van onze stad in het hart dragen. Laat ons creatief nadenken over hoe er via deze oproep kan gewerkt worden om onze verdwenen burcht en haar geschiedenis, bijvoorbeeld via digitale en virtuele verbeelding, terug boven te halen en een ruim publiek te verbazen over het ontstaan van Ieper. Zoals indertijd toch duidelijk en bijna letterlijk beloofd werd.
Bovendien zou dergelijk initiatief als vernieuwend centraal thema perfect kunnen ingepast worden binnen om het 10-jarige jubileum van Yper Museum in 2028: “De herbeelding van de Grafelijke Burcht van Ieper”, het zou een titel kunnen zijn waar het in 2028 10-jarige museum mee kan uitpakken.
Schepen Talpe
Inderdaad het is nu één jaar geleden sedert de ontdekking van de grafelijke burcht van Ieper. U wekt in uw vraagstelling de indruk dat dit best lang is, maar ik wil dat toch tegenwerpen, degelijk onderzoek en ontsluiting heeft immers zijn tijd nodig. Het archeologisch bedrijf aangesteld in dezer heeft zoals u weet neem ik aan 2 jaar de tijd om hun rapport uit te werken. Dat is dus nog een jaar te rekenen van vandaag. We houden ook rekening met de mogelijkheid dat het onderzoek zou kunnen uitlopen bvb bij bijzondere ontdekkingen of nieuwe vaststellingen. Wat we dan uiteraard ook willen meenemen als we naar een waardige ontsluiting gaan.
U verwijst uw interpellatie naar 'Ondersteboven van wONDERLAND'. In die tentoonstelling brengt het Yper Museum het resultaat van onderzoek dat de voorbije 10 jaar (en zelfs nog langer) is gebeurd. We brengen daarin onder meer het verhaal van 3 opgegraven kerkhofsites: het kerkhof van de Sint-Niklaasparochie (2018), dat van de leprozerie van Sint-Jan (2019-2020) en dat van de Sint-Maartenskathedraal (2023). Van de opgraving van de Sint-Niklaasparochie brengen we zelfs nog ongepubliceerde onderzoeksresultaten aangezien het onderzoek nog steeds loopt: en dit 8 jaar na de opgraving. Waarmee ik nog es wil duiden dat één jaar echt wel geen treuzelen te noemen is tussen opgraving en het resultaat brengen naar het brede publiek.
Maar ik kan u geruststellen: we zijn uiteraard achter de schermen de ontsluiting van de burcht volop aan het voorbereiden. Zowel naar het hoe of wat maar ook financieel natuurlijk. Voor het financiële kijkt u naar het project Monuments & Moments. Ik moet u daar teleurstellen. Dit project focust zich immers specifiek op WOI herdenkingsmonumenten en dus komt de burcht hier niet in aanmerking. Wat niet wil zeggen dat we het project niet aangrijpen voor andere initiatieven.
Maar goed nieuws er zijn wel andere financieringsmogelijkheden in het vooruitzicht. Westtoer zal in de komende weken naar verwachting diverse projectlijnen of subsidielijnen lanceren waar de ontsluiting van de burcht potentieel wel in zal passen. De specificaties of vereisten van die lijnen zijn op vandaag evenwel nog niet gekend dus kunnen we nog geen concreet dossier indienen. We volgen het vanzelfsprekend op de voet op.
Ten slotte kan ik u verzekeren dat het tienjarig jubileum van het Yper Museum zeker niet onopgemerkt voorbij zal gaan, ook in het geval er nog geen concrete ontsluiting van de burcht zou zijn. En dat doen we in de gekende stijl van het Yper museum: namelijk voor en mét de Ieperlingen.
Raadslid Stubbe
Heeft gesproken met mensen van Westtoer, en er liggen daar nu al mogelijkheden.
En liefst geen jaren wachten om iets te doen. Eventueel iets doen op kleinere schaal. Zie initiatieven die al gebeurden, oa door CO7.
Er is al veel studie uitgevoerd, dus daar toch al me aan de slag gaan om het levendig te houden.
Schepen Talpe
Westtoer komt binnen enkele weken met concrete vereisten, hebben hen ook al gesproken.
We nemen suggestie mee om eventueel al iets ergens te visualiseren.
De huidige energiecrisis, waarvan we het einde nog niet in zicht hebben, maakt ons opnieuw pijnlijk duidelijk hoezeer wij in ons dagelijks leven afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen, zoals aardolie, aardgas en steenkool. Onze maatschappelijke kwetsbaarheid en afhankelijkheid tegenover de grote geopolitieke en economische machten en hun conflicten voelen we allemaal in onze portemonnee.
Daardoor komt het thema van hernieuwbare, niet-vervuilende en vooral onafhankelijke energieproductie eindelijk weer hoog op de politieke agenda.
Iedereen die zich om de voortschrijdende klimaatcrisis bekommert, wist al lang voor deze nieuwe crisis dat enkel een systematische toename van hernieuwbare energiebronnen een oplossing kan bieden. Naast zonnepanelen zullen er vooral méér windturbines met hoog rendement noodzakelijk zijn om de klimaatscrisis, ook lokaal, aan te pakken en het gebruik van fossiele brandstoffen systematisch af te bouwen.
De plaatsing van de grote windturbines zal natuurlijk altijd een opvallende ingreep blijven binnen het landschap. Daarom adviseerde de milieuraad in 2023 om een zogenaamd ‘windpark’ af te bakenen in het noordoosten van de stad, waar nieuwe turbines zo optimaal mogelijk ‘gebundeld’ kunnen worden, in aansluiting op de 9 bestaande windmolens.
De logische vervanging met repowering van deze 9 Ieperse turbines zou een theoretische winst opleveren van ongeveer 20 megawattuur (MWh): nu produceren de 9 oudere turbines samen 18 MWh, na vervanging door 4 tot 5 nieuwe en hoogwaardige turbines zou samen 30 tot 37,5 MWh (7,5 MWh per turbo) geproduceerd worden. Binnen Ieper hebben we echter, afhankelijk van de toenemende behoeftes vanwege de elektrificatie van mobiliteit en verwarming, minstens een tiental hoogwaardige turbines nodig om tegen 2050 klimaatneutraal te worden. Feit is dat we het nooit halen zonder vestiging van nieuwe windturbines.
De plaatsing van nieuwe turbines wordt natuurlijk sterk beperkt door de omzendbrief van 9 februari 2024 van de Vlaamse regering die de plaatsing van nieuwe windturbines op een straal van drie kilometer rond de door Unesco erkende WO I-sites opschortte. Dat betekent dat er de facto bijna nergens in Ieper nog een windturbine kan voorzien worden. De enkele zeldzame uithoeken waar het in theorie nog kan, werden en worden dan telkens door omwonenden sterk betwist. Resultaat: sedert de eerste reeks van 9 turbines binnen de industriezone, in 2005, liet Ieper de voorbije 21 jaar geen enkele bijkomende installatie meer toe.
We vragen ons dan ook af of er binnen het bestuur nog actief wordt nagedacht over mogelijke nieuwe vestigingsplaatsen binnen onze regio. Kortom: welke is de visie van het Ieperse bestuur tegenover de toekomstige ontwikkeling van windenergie als alternatief voor energie uit fossiele brandstoffen?
En dat mag voor ons best op streekniveau gebeuren, bijvoorbeeld binnen de ruimere Westhoek, in nauwe samenspraak met naburige besturen en overheden. Toename van milieuvriendelijke, hernieuwbare energiebronnen hoeft voor ons niet noodzakelijk binnen de eigen gemeentegrenzen, maar kan ook over deze grenzen heen getild worden naar streekniveau of provincieniveau. Maar Ieper moet wel dringend een actievere rol spelen binnen haar bestuurlijke samenwerkingsverbanden om mogelijke en geschikte zones voor inplanting van windturbines te stimuleren, en dit steeds op basis van volwaardige bedrijfsparticipatie door de lokale bewoners via een coöperatieve samenwerking.
Schepen Miguel Gheysens
De huidige energiecrisis heeft duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar onze samenleving blijft zolang we afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Diversiteit in energieproductie en meer hernieuwbare energie is noodzakelijk, waarin windenergie een belangrijke rol speelt. Tegelijk moeten we vaststellen dat de mogelijkheden voor nieuwe grootschalige windturbines in Ieper vandaag sterk worden bepaald door Vlaamse regelgeving.
De omzendbrief van minister Brouns van 2025 (OMV/2025/1) legt een verdere verstrenging op ten opzichte van de omzendbrief van 2024 (OMG/2024/1), met aanvulling. Een maatschappelijk draagvlak is essentieel, om geen protest, handvol bezwaren en beroepsprocedures de projecten te doen vertragen of blokkeren. De aanvulling waarbij richtinggevende ruimtelijke afstandsregels tussen de hoogste windturbines en woningen in woongebied worden vastgelegd brengt hier meer duidelijkheid over de beoordeling van de ruimtelijke verenigbaarheid van windturbines, bovenop de bestaande VLAREM normen voor geluid en slagschaduw. Daarnaast voorzag de omzendbrief van 2024 reeds in een opschorting van vergunningen binnen een straal van drie kilometer rond de Unesco erkende WO I sites, tenzij wordt aangetoond dat de impact aanvaardbaar is.
Door deze bufferzones valt een aanzienlijk deel van de stad weg als potentiële locatie, en restzones die theoretisch nog overblijven komen vaak in conflict met woonlinten, landbouwactiviteiten of andere ruimtelijke beperkingen. Dit impliceert in de praktijk nauwelijks ruimte voor bijkomende windturbines zonder disproportionele impact op omwonenden. De stad blijft daarom vasthouden aan een evenwichtige benadering waarbij de energietransitie hand in hand gaat met respect voor de leefomgeving.
Omwille van deze beperkingen heeft de stad in 2023 een duidelijke visie uitgewerkt. Die visie zet in op de repowering van het bestaande windturbinepark binnen het regionaal bedrijventerrein Ieper en de directe omgeving. De repowering houdt in dat de negen bestaande turbines worden vervangen door een kleiner aantal turbines met een hoger vermogen, met tiphoogtes tot 250 meter en vermogens tussen 5 en 7,5 MW. Hierdoor stijgt de energieopbrengst aanzienlijk tot 150.000 MWh per jaar, terwijl de landschappelijke impact beperkt blijft en de turbines gebundeld blijven in een reeds verstoord industrieel landschap. Repowering is daarmee de meest logische, efficiënte en ruimtelijk verantwoorde piste, waar de stad ten volle voor gaat. De Vlaamse overheid is de vergunningverlenende overheid.
Daarnaast engageert de provincie zich in de energietransitie. De stad deelt volledig de visie dat de energietransitie niet stopt aan de gemeentegrenzen. Daarom neemt Ieper actief deel aan regionale overlegstructuren binnen de Westhoek en ondersteunt het initiatieven die bovenlokaal naar geschikte zones zoeken. Een coherente regionale energieplanning is noodzakelijk om de lasten en baten eerlijk te verdelen.
Een samenwerking met de Westhoekgemeenten met blijvende aandacht voor lokale verankering en participatie heeft zin als potentiële locaties zich ook voordoen, waarbij volgende drietrapsladder toegepast wordt:
• Binnen het bestaand ruimtebeslag (solitair of geclusterd),
• Gebundeld aan grote infrastructuren (solitair of geclusterd),
• In de open ruimte (minimaal 3 windturbines, 20 MW), de landschappelijke inpassing is hierbij van belang. Lokale participatie en transparante communicatie blijft hierbij een essentieel uitgangspunt.
Samengevat blijft Ieper actief nadenken én handelen rond windenergie, maar binnen de realistische ruimtelijke en wettelijke contouren die vandaag gelden. Hierbij hopen we op voldoende reciprociteit van de Vlaamse regering bij ingediende projecten.
Raadslid Stubbe
Die 3 km-straal is geen wet, is een aanbeveling. Maar geldt nu nog, na 2 jaar; beter een definitieve beslissing van de minister op een andere manier want anders wordt het onmogelijk om nieuwe te plaatsen. Is niet eerlijk want we hebben windenergie nodig;
Bovengemeentelijk mag maar Ieper moet het voortouw nemen.
Schepen Gheysens
We zijn trekker en actief bezig op provinciaal vlak. Maar blijft moeilijk.
Lokale besturen zetten steeds meer in op digitale dienstverlening en op de digitalisering van de interne werkprocessen. Niet iedere werknemer is hierin echter even beslagen. Om hieraan tegemoet te komen voorziet de Vlaamse Overheid de DigiCheck Basisvaardigheden.
Deze tool geeft een momentopname van iemands digitale basiscompetenties, zodat je als werkgever gerichter kan inzetten op ondersteuning en opleiding. De DigiCheck bestaat uit 41 vragen, opgesteld in duidelijke taal en ondersteund met visuele elementen. De test combineert bovendien verschillende soorten opdrachten om een compleet beeld te vormen van iemands digitale basisvaardigheden.
Lokale besturen kunnen deze DigiCheck uitproberen door een gratis testruimte aan te vragen via digicheck.be.
De Vlaams Belang-fractie had hierover volgende vragen:
Schepen Talpe
Uiteraard erkennen wij het belang van voldoende digitale vaardigheden bij onze medewerkers, zeker in een snel evoluerende context waarin dienstverlening en interne processen steeds verder digitaliseren.
We hebben inderdaad weet van “DigiCheck”. Deze tool kan zeker een nuttig instrument zijn om digitale competenties in kaart te brengen. Ik kan u evenwel verzekeren dat wij op heden al heel wat inspanningen leveren op dat vlak.
De veelheid en diversiteit aan digitale vaardigheden die onze dienstverlening vraagt van medewerkers op alle niveaus vraagt een praktijkgerichte monitoring en aanpak, toegespitst op de concrete taken, processen en verwachtingen op elk dienstniveau.
Wat doen we onder andere?
Bij werving en selectie en tijdens de jaarlijkse feedbackgesprekken worden de digitale noden en opleidingsaanbod uitgebreid besproken. Bij de invoering van nieuwe digitale processen of bij de actualisatie van bestaande processen, wordt gezorgd voor ondersteunende initiatieven, workshops tot coaching. Daarnaast bieden we opleidingen aan om de algemene digitale vaardigheden van medewerkers aan te scherpen en werken we ook samen met externe partners zoals Ligo, centrum voor basiseducatie, WestWave en het digibanken-project. Ik kan hier een ganse opsomming geven van alle opleidingen maar dat zou ons te ver leiden, maar denk maar aan Excel, outlook, word, en nu ook AI.
Ik hoop u met dit antwoord alvast gerust gesteld te hebben wat betreft onze inspanningen terzake de digitale vaardigheden van onze medewerkers.
Raadslid Six
Dank. Digitalisering gaat heel snel, dus de trein niet missen!
Correct handelen in een crisissituatie vereist koelbloedigheid en weten welke handeling precies te stellen. Om hieraan tegemoet te komen creëerde het Rode Kruis twee apps: de EHBO-app en de HOUVAST-app.
De EHBO-app laat toe om in noodsituaties snel terug te vinden wat men moet doen. Dit zowel bij banale verwondingen zoals een bloedneus of schaafwonde, als bij ernstige ongevallen. Met deze app kan men snel opzoeken hoe men moet ingrijpen in welke situatie.
De HOUVAST-app biedt laagdrempelige tips om iemand bij te staan die het moeilijk heeft, bijvoorbeeld door angst, depressie, burn-out, bij rouw of verlies, … Ook als men zelf iets schokkends meemaakt, helpt deze app om het eigen welzijn te versterken met het zelfzorgplan.
In het kader van preventie zou het een meerwaarde zijn dat het bestaan van deze apps onder de aandacht van de inwoners wordt gebracht via de stedelijke infokanalen.
De Vlaams Belang-fractie vernam hieromtrent graag het volgende:
Burgemeester Desomer
Het College erkent het belang van laagdrempelige en betrouwbare hulpmiddelen die burgers ondersteunen in noodsituaties en bij psychosociaal welzijn. De door het Rode Kruis ontwikkelde EHBO-app en HOUVAST-app sluiten aan bij deze doelstelling.
Het stadsbestuur staat positief tegenover het bekendmaken van dergelijke initiatieven. In het kader van preventie en gezondheidsbevordering kan het bestaan van deze apps onder de aandacht worden gebracht via de bestaande stedelijke communicatiekanalen, zoals de stadswebsite, sociale media en het stadsmagazine.
De communicatie zal daarbij worden afgestemd met de betrokken diensten (zoals welzijn, preventie en communicatie), zodat dit op een duidelijke en toegankelijke manier gebeurt en past binnen de bredere sensibiliseringsacties rond gezondheid en veiligheid.
De concrete timing zal worden ingepland binnen de reguliere communicatieplanning, rekening houdend met prioriteiten en beschikbare capaciteit. Hierbij kan ook worden bekeken of dit kan worden gekoppeld aan relevante campagnes of themamomenten (bijvoorbeeld rond EHBO, mentale gezondheid of preventie).
Raadslid Six
Blij met het antwoord.
Dan misschien meteen het vrijwilligerskorps onder de aandacht brengen.
De waterkwaliteit in de Westhoek is het afgelopen jaar veelvuldig in de media verschenen. Door structureel te hoge pesticidenwaarden en (mest)lozingen – soms bewust, soms onbewust – wordt het steeds moeilijker, of zelfs soms onmogelijk, om van oppervlaktewater drinkwater te maken. Je zou verwachten dat Vlaanderen extra investeert om deze urgente problemen aan te pakken. De verbazing was dan ook groot toen de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) zonder overleg de vijf in 2022 geplaatste multiparametersondes op het Kanaal Ieper-IJzer verwijderde, terwijl deze sondes aantoonbaar hun nut hadden bewezen. In totaal werden sinds hun installatie 55 incidenten vastgesteld:
- 2022: 10
- 2023: 8
- 2024: 21
- 2025: 14
- 2026: 2
Bij een incident kon er direct worden ingegrepen: de Zwaanhofbeek werd indien nodig afgedamd, bij vervuiling in het kanaal werd water tussen de panden verpompt om de vervuiling te verdunnen en zo vissterfte te voorkomen, en het waterproductiecentrum stroomafwaarts in de Blankaart werd tijdig gewaarschuwd.
Nu de sondes zijn verwijderd, ontbreekt de directe monitoring. Problemen worden pas zichtbaar wanneer bijvoorbeeld vissen naar het wateroppervlak komen om lucht te happen, maar dan is het meestal al te laat. Vóór de plaatsing van de sondes gingen milieuambtenaren vooral bij warme periodes ter plaatse zuurstofmetingen doen; dankzij de sondes kon dit vanuit het bureau worden opgevolgd. Het verwijderen betekent dus een duidelijke stap terug.
Na de commotie die ontstond door het weghalen van de sondes, heeft de VMM een mail verzonden naar de stad waarin ze aangeven in dialoog te willen gaan om een oplossing te vinden voor het verder opvolgen van de waterkwaliteit. Ze laten weten open te staan voor samenwerking, bijvoorbeeld via een multiparametersonde in een betalende constructie. De VMM biedt expertise voor installatie, beheer en interpretatie.
Daarom heb ik de volgende vragen:
- Erkent het stadsbestuur de noodzaak om minstens een vaste multiparametersonde te plaatsen ter hoogte van de Zwaanhofbeek, zodat snel kan worden ingegrepen en de waterkwaliteit permanent wordt opgevolgd?
- Gaat het stadsbestuur akkoord om een betalende samenwerking aan te gaan met de VMM, zodat structureel de waterkwaliteit kan worden gemonitord?
Schepen Gheysens
We vinden het allen een spijtige zaak dat de sondes weggenomen werden om elders in Vlaanderen terug geplaats te worden. Maar deze continue monitoring was van bij de start in 2022, opgevat als een tijdelijke, intensieve opvolging.
De Vlaamse Milieumaatschappij heeft ons verzekerd dat het opvolgen van de waterkwaliteit absoluut verder wordt bestendigd en zich blijft engageren om incidenten snel en deskundig te analyseren en op te volgen, zoals dat ook in het verleden steeds het geval is geweest. Dit in een goede samenwerking met de stadsdiensten.
Anderzijds geeft men aan dat in het verleden duidelijk werd gesteld dat omwille van de hoge onderhouds- en exploitatiekosten, deze meetsystemen niet onbeperkt in tijd en op elke locatie structureel kan blijven ingezet worden.
We hebben inmiddels met VMM volgende week een overleg gepland, om deze opvolging, de incidentenwerking en het optimaliseren van samenwerking in beide richtingen te bespreken en te verduidelijken.
De sondes waarvan sprake stonden opgesteld in het kanaal Ieper-Ijzer waar voor alle duidelijkheid de Vlaamse Waterweg zoals u weet en niet de stad beheerder is. De stad investeerde al in beluchters die we ook in hetzelfde kanaal inzetten. Bovendien zijn calamiteiten op ons industriegebied, voornamelijk veroorzaakt door klasse 1 bedrijven, en is de milieu-inspectie, afdeling handhaving van het departement omgeving of de Vlaamse Milieumaatschappij, aan zet.
Waterkwaliteit in onze westhoek ligt ons nauw aan het hart. Dit is het afgelopen jaar duidelijk gebleken en op zeer korte termijn wensen we dit verder met de VMM te bespreken.
Raadslid V. Despeghel
Dank voor de duiding.
Was in 22 schepen en toen heeft VMM nooit gezegd dat het tijdelijk zou zijn.
Is grote kost maar waterkwaliteit is superbelangrijk. Hopelijk wil Vlaanderen toch over de brug komen, zo nodig dat de stad bij de provincie aanklopt voor subsidie uit visserijfonds.
Bijna wekelijks krijg ik de vraag of ik een tandarts ken die nog nieuwe patiënten aanneemt. Ook op Facebook verschijnen geregeld berichten hierover. Wie nog een tandarts vindt, moet vaak maanden wachten voor een afspraak. Er is dus een tekort aan tandartsen in Ieper en breder in de Westhoek.
Toch stijgt het aantal tandartsen in België, aangezien het quotum voor tandartsen al jaren wordt verhoogd. Momenteel starten er 199 nieuwe tandartsen per jaar. Door de erkenning van het beroep mondhygiënist ontstaat extra ruimte: zij nemen veel ondersteunende en preventieve taken over, waardoor tandartsen zich meer op complexe zorg kunnen richten.
We hebben ongeveer evenveel tandartsen per 1.000 inwoners als de rest van Europa. In 2020 lag de dichtheid van praktiserende tandartsen in België (0,77 per 1.000 inwoners) dicht bij het EU-27-gemiddelde (0,78) en hoger dan het EU-14-gemiddelde (0,73). De evolutie in België (+10% tussen 2010 en 2020) volgt het EU-27-gemiddelde (+12,5%), terwijl het EU-14-gemiddelde minder sterk steeg (+4%).
Waarom is het dan zo moeilijk om in onze regio een tandarts te vinden? Enkele tandartsen gingen de afgelopen jaren met pensioen, terwijl het aantal inwoners groeit. Verder werken steeds meer tandartsen deeltijds. Maar vooral vestigen jonge tandartsen zich liever in grote steden, vaak in groepspraktijken. Daardoor ontstaat er een groeiend tekort in landelijke gebieden zoals de Westhoek.
Wat kunnen we eraan doen? Het is makkelijk te zeggen dat het niet de bevoegdheid is van het lokaal bestuur, maar volgens Vooruit hebben lokale politici de verantwoordelijkheid om toegang tot zorg te garanderen.
Als lokaal bestuur kunnen we inzetten op preventiecampagnes, bijvoorbeeld op scholen. Betere tandzorg vermindert de druk op tandartsen. Sommige steden en gemeenten bieden vestigingspremies tot 20.000 euro of meer aan om (tand)artsen te overtuigen zich te vestigen. Maar werkt dat echt als elke gemeente haar eigen premie aanbiedt? Zou er geen Westhoek-breed systeem moeten komen? Het lokaal bestuur kan ook samenwerking stimuleren tussen huisartsen, tandartsen, verpleegkundigen en mondhygiënisten. Dat zorgt voor betere zorg en maakt teamwerk aantrekkelijker voor nieuwe tandartsen en mondhygiënisten.
Daarom heb ik de volgende vragen:
Schepen Ryde
Het stadsbestuur erkent absoluut de problematiek die hier wordt aangekaart. De moeilijkheid om een tandarts te vinden is vandaag niet alleen een realiteit in Ieper of de Westhoek, maar maakt deel uit van een ruimer, nationaal probleem binnen de gezondheidszorg.
Gezondheidszorg en de organisatie van het aanbod aan tandartsen zijn in hoofdzaak federale en Vlaamse bevoegdheden. Factoren zoals quota, opleiding, erkenning van beroepen en terugbetalingssystemen worden niet lokaal bepaald.
Dat neemt echter niet weg dat wij als lokaal bestuur niet aan de zijlijn blijven staan. Integendeel: we nemen onze rol op waar mogelijk, in samenwerking met regionale partners. De problematiek is complex en heeft meerdere oorzaken: demografie, vroegere quota, andere werkcultuur, verschuiving activiteiten binnen de beroepsgroep zelf, geografische spreiding. Ook op regionaal niveau botsen we op structurele uitdagingen: beperkte vertegenwoordiging van tandartsen, weinig respons bij bevraging, geen kringwerking, …
Concrete initiatieven die al genomen zijn voorbije jaren:
• Opleidingen tot mondzorgcoach (2024 en 2025)
• Gratis mondscreenings in Ieper via vzw Tegoare
• Symposium “Gezond begint in je mond” (2025) samen met de huisartsenkring
Vestigingspremies kunnen een instrument zijn, maar we moeten daar realistisch naar kijken: dit wordt snel een opbod zonder structureel effect, zelfs op regionaal niveau.
Wat kan lokaal en wèl regionaal gebeuren? Een gecoördineerde aanpak heeft meer kans op effect dan wanneer elke gemeente afzonderlijk handelt.
• Preventie en eerstelijnszorg versterken: overeenkomst die op deze gemeenteraad net heeft goedgekeurd, is daar een opstap naar.
• Aantrekkelijkheid van de regio verhogen in samenwerking met eerstelijnszone: stageplaatsen voor tandartsen en mondhygiënisten en eerste werkervaringen. Ook de tweedelijnszorg heeft hierin belang. Er is daarom ook al initiatief genomen om met de ziekenhuizen van de Westhoek in dialoog te gaan, om ook hen mee in de aanpak deze problematiek te betrekken.
• Samenwerking stimuleren of faciliteren. Alleen via een gecoördineerde en brede aanpak kunnen we de toegankelijkheid van tandzorg in Ieper en de Westhoek op termijn verbeteren.
Raadslid V. Despeghel
Dank, klopt dat er niet afgewacht wordt. Probleem is dat het alleen maar nijpender wordt want minder tandartsen. Vrees dat maatregelen onvoldoende zullen blijven.
Begin dit jaar werd er op de Meenseweg een zone met snelheidsbeperking tot 30 km/u ingericht vanaf het grootwarenhuis De Spar tot voorbij de Sint-Jozefschool. Enkele jaren geleden kwam er een rotonde op kruispunt met de Steverlyncklaan, en in de Meerjarenplanning worden er nog meer aanpassingen van diezelfde Meenseweg aangekondigd.
Het is echter niet duidelijk welk streefbeeld en welke realisatietermijn het bestuur voorziet voor de herinrichting van de Meenseweg tussen de rotonde en de Bascule, en dit in relatie tot een veilige schoolomgeving rond de basisschool Sint-Jozef met bijna 500 leerlingen, het woonzorgcentrum Huize Jozef, het iets verderop gelegen grootwarenhuis, het Koerierpad als belangrijke aansluiting voor fietsers en voetgangers vanuit de woonwijken De Vloei, Ligywijk, Robrecht van Bethunelaan en Kerselaar, en natuurlijk het complexe kruispunt De Bascule?
Dit stuk Meenseweg van iets meer dan 600 meter lang is dus de verbindingsas voor ongeveer 2.000 buurtbewoners, vaak gezinnen met jonge kinderen, richting de binnenstad.
Vandaar onze vraag: welke zijn de concrete ideeën of uitgangspunten voor de herinrichting van de Meenseweg tussen de Bascule en de rotonde met de Steverlyncklaan, en wanneer kunnen de buurtbewoners en het bredere publiek hierover informatie krijgen en hun inspraak of ideeën weergeven?
Binnen dezelfde context, maar dan toegespitst op het verkeer van en naar de Sint-Jozefsschool, lijkt het ons aangewezen om samen met de school en sociale bouwmaatschappij Ons Onderdak in overleg te gaan omtrent de voorziening van een veiliger verkeersafwikkeling aan de achterzijde van de school. Om het toegenomen gebruik door ouders van de toegang tot de school via de Robrecht van Bethunelaanlaan veilig te houden en letterlijk in goede banen te leiden, zou een volwaardig keerpunt met Kiss & Ride-zone hier op zijn plaats zijn.
Is het bestuur bereid om, gezien de actuele bouw- en terreinwerken van Ons Onderdak op deze locatie, te onderzoeken of er hiertoe mogelijkheden zijn, en dit in functie van de veiligheid en het comfort voor iedereen, zowel de school als de bewoners.
Schepen Desmadryl
In de directe schoolomgeving zijn reeds heel wat aanpassingen gebeurd. Denk maar aan het verbreden van de voet- en fietspaden, een middengeleider met geel-zwarte lichtarmatuur, een octopuspaal, een kus- en wegzone, ... Recent werd de variabele zone 30 omgevormd tot een vaste zone 30. In het meerjarenplan zal u gelezen hebben dat we niet enkel focussen op directe schoolomgevingen, maar ook op schoolroutes. Vandaar is deze legislatuur een aanpak van het gedeelte Meenseweg tussen Kruiskalsijdestraat en Steverlyncklaan voorzien, inclusief heraanleg van de proefrotonde Steverlyncklaan.
Ook in de Hovelandlaan en in de Robrecht van Bethunelaan zijn reeds diverse aanpassingen uitgevoerd. Bijvoorbeeld een veilig zebrapad met voetpaduitstulping in de Hovelandlaan, snelheidsremmers en een bijkomende fietsdoorsteek in de Robrecht van Bethunelaan,... Het werk is natuurlijk nooit af. Vanuit het oudercomité mochten we enkele opbouwende suggesties ontvangen, die deels overlappen met jouw voorstellen. Deze zullen besproken worden op de eerstvolgende verkeerscommissie.
Raadslid Stubbe:
Kiss&ride zone achterzijde hangt samen met werken op gronden van Ons Onderdak.
Groeiend aantal inwoner aan achterzijde, nog meer via R van Bethunelaan, verkeer zal dus niet afnemen. Maak gebruik van deze situatie en de werken van Ons Onderdak, die zeker welwillend zal zijn.
De bouwkundige en praktische problemen met en in onze stadsschouwburg slepen al vele jaren aan, ze staken nog eens duidelijk de kop op tijdens de organisatie van het voorbije Landjuweel.
Op de gemeenteraad van 1 september 2025 stelde collega Valentijn Despeghel hierover vragen en vernamen we dat de haalbaarheidsstudie voor een sanering van de schouwburg drie scenario’s voorop stelt, maar daarnaast stelde schepen Eva Ryde toen voor om ook de mooie heropgebouwde kloosterzalen die aansluiten op de St-Maartenskathedraal, met name de Proosdij- en de Kapittelzaal, mee in te schakelen in de zoektocht naar een gedegen en duurzame oplossing.
Deze veel te weinig gebruikte zalen kwamen ook tijdens vorige legislaturen al herhaaldelijk in het vizier voor betere ontsluiting en functionering binnen het Ieperse culturele aanbod.
We zijn een half jaar verder en vragen het bestuur dan ook graag of er intussen evoluties en vorderingen zijn in dit dossier, dat nu al vele jaren aansleept en waarvan vele Ieperse cultuurvrienden echt willen weten in welke richting er wordt gedacht om dit Ieperse zorgenkind eindelijk van een nieuwe en duurzame toekomst te verzekeren.
Schepen Ryde
Het dossier rond de stadsschouwburg en de bredere culturele infrastructuur in onze stad blijft inderdaad een belangrijk aandachtspunt. Zoals gevraagd, geven we graag een stand van zaken.
Op 8 september 2025 werd binnen de lopende haalbaarheidsstudie een bijkomende opdracht gegeven om ook de Proosdijzaal en de Kapittelzaal te betrekken in het onderzoek naar mogelijke toekomstscenario’s. Daarmee werd concreet uitvoering gegeven aan de piste om deze waardevolle, maar vandaag onderbenutte ruimtes mee te nemen in de denkoefening. Op 15 december 2025 vond een eerste terugkoppelmoment plaats met het studiebureau. Naar aanleiding daarvan werden bijkomende vragen en verfijningen geformuleerd om de verschillende scenario’s verder te verdiepen.
Vandaag nog kreeg het schepencollege een laatste toelichting over dit specifieke scenario waarbij de kloosterzalen worden geïntegreerd in de bredere visie.
De volgende stap in dit dossier is het opstarten van overleg met de kerkfabriek, die voor de helft eigenaar is van deze vleugel en ook betrokken partij is voor het lapidarium. Dit overleg is essentieel om de haalbaarheid van eventuele pistes correct te kunnen inschatten.
Het is daarbij belangrijk te benadrukken dat het hier gaat om een studie die bijdraagt aan visievorming op lange termijn. Het betreft dus geen uitgewerkt uitvoeringsplan, maar een onderzoek dat ons moet helpen om onderbouwde keuzes te maken voor een duurzame toekomst.
Daarnaast moeten we ook realistisch zijn: binnen het huidige meerjarenplan is er geen budgettaire ruimte voorzien voor de effectieve realisatie van dergelijke ingrijpende projecten. Dat neemt echter niet weg dat we nu al de meest geschikte pistes willen onderzoeken en voorbereiden, zodat we klaar zijn wanneer zich opportuniteiten aandienen. Het betrekken van verenigingen tijdens een periode van visievorming is waardevol, maar mag geen valse verwachtingen creëren over concrete realisaties op korte termijn. We blijven dit dossier dus ernstig opvolgen, met oog voor zowel haalbaarheid, duurzaamheid als financiële realiteit.
Raadslid Stubbe
Dank.
Kerkfabriek is inderdaad belangrijke partner; nu reeds gesprekken voeren.
Valse verwachtingen: ook akkoord, verhalen die nu al de ronde doen moeten in de kiem gesmoord worden, kennisgeving van die scenario's kan daarbij helpen.
Voordracht van de sector sociale woningbouw dd. 9 februari 2026 houdende wijziging van de benoeming van de leden van de GECORO voor de sector sociale woningbouw
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn navolgende wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels voor de samenstelling, de organisatie en de werkwijze van de provinciale en gemeentelijke commissies voor ruimtelijke ordening van 19 mei 2000 (Belgisch Staatsblad 3 juni 2000), gewijzigd op 5 juni 2009 (Belgisch Staatsblad 26 augustus 2009).
Besluit van de Vlaamse Regering van 3 juli 2009 tot vaststelling van een deontologische code voor de leden van de Vlaamse, provinciale en gemeentelijke commissies voor ruimtelijke ordening van 3 juli 2009 (Belgisch Staatblad 25 augustus 2009).
Decreet van 4 april 2014 houdende de wijziging van diverse decreten met betrekking tot de ruimtelijke ordening en het grond- en pandenbeleid (B.S. 15 april 2014).
Bevoegdheid
Artikel 1.3.3. §3 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening - afdeling 3. de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening – stelt dat de gemeenteraad de voorzitter, de leden, de plaatsvervangers en de vaste secretaris benoemt.
Ingevolge het decreet van 4 april 2014 houdende de wijziging van diverse decreten met betrekking tot de ruimtelijke ordening en het grond- en pandenbeleid (B.S. 15 april 2014) is het goedkeuringstoezicht op de samenstelling van de GECORO afgeschaft.
Voortaan treedt de nieuwe GECORO aan nadat de gemeenteraad de leden ervan heeft benoemd en nadat de toezichttermijn vermeld in artikel 255, § 1 van het Gemeentedecreet is verstreken.
Deze beslissingen vallen voortaan dus onder het algemeen bestuurlijk toezicht.
De huidige samenstelling van de GECORO werd door de Gemeenteraad van 16 december 2024 goedgekeurd.
In deze samenstelling zijn 10 mandaten ter beschikking gesteld voor de diverse maatschappelijke geledingen
De leden werden benoemd door de Gemeenteraad in zitting van 31 maart 2025.
Ondertussen werd een wijziging voorgelegd aan de Gemeenteraad van 3 november 2025 inzake de benoeming van de leden van de sector Cultuur.
B. Vraag tot wijziging van de samenstelling van de GECORO voor de maatschappelijke geleding sector sociale woningbouw
Voor de sector sociale woningbouw werden volgende leden aangesteld.
| MAATSCHAPPELIJKE GELEDINGEN |
EFFECTIEF LID |
|
PLAATSVERVANGEND LID |
|
| Sector sociale woningbouw |
De heer |
Man |
Mevroux |
Vrouw |
De sector sociale woningbouw meldt het ontslag van het effectief lid, de heer Eric Neels en draagt het plaatsvervangend lid, mevrouw Iris Bruynooghe voor als nieuw effectief lid.
De heer Tim fastré wordt voorgedragen als plaatsvervangend lid.
| MAATSCHAPPELIJKE GELEDINGEN |
EFFECTIEF LID |
|
PLAATSVERVANGEND LID |
|
| Sector sociale woningbouw |
Mevroux |
Vrouw |
De heer |
Man |
C. Beraadslaging over de ingediende kandidaturen van de maatschappelijke geleding sector sociale huisvesting.
Beide kandidaturen kunnen gunstig beoordeeld worden.
D. Toetsing van de nieuwe voordrachten aan de man-vrouwverhouding
Artikel 304 §3 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22.12.2017 over de geslachtsverhouding stelt dat ten hoogste twee derde van de leden van de raden en de overlegstructuren, van hetzelfde geslacht is.
Het Agentschap Binnenlands Bestuur Stelt dat het 2/3-quotum van toepassing is op de effectieve leden van de GECORO.
Effectieve leden (17 mandaten)
| Totaal |
man |
8 |
vrouw |
9 |
|
Man-vrouwverhouding: |
2/3 verhouding is behaald |
|||
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: Het ontslag van de heer Eric Neels als effectief lid van de sector sociale woningbouw te aanvaarden.
Artikel 2: De voordracht van de mevrouw Iris Bruynooghe als nieuw effectief lid voor de sector sociale woningbouw te aanvaarden en mevrouw Iris Bruynooghe te benoemen als nieuw effectief lid voor de sector sociale woningbouw.
Artikel 3: Het ontslag van mevrouw Iris Bruynooghe als plaatsvervangend lid van de sector sociale woningbouw te aanvaarden.
Artikel 4: De voordracht van de heer Tim Fastré als nieuw plaatsvervangend lid voor de sector sociale huisvesting te aanvaarden en de heer Tim Fastré te benoemen als plaatsvervangend lid voor de sector sociale woningbouw.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (B.S. 15 februari 2018), en latere wijzigingen, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (B.S. 19.12.2018)
Om een aanpak op maat te realiseren bij de toewijzing van sociale huurwoningen nemen woonmaatschappijen het initiatief om een toewijzingsraad op te richten. De sociale verhuurders, lokale besturen en relevante welzijnsactoren kunnen op die manier in dialoog gaan met elkaar en afspraken maken, om een geïntegreerd en gedragen toewijzingsbeleid te realiseren.
De woonmaatschappij Ons Onderdak nam het initiatief om een toewijzingsraad op te richten. Alle gemeenten van het werkingsgebied zijn vertegenwoordigd in de toewijzingsraad, aangevuld met relevante huisvestings- en welzijnsactoren uit het werkingsgebied van de woonmaatschappij. De woonmaatschappij zit de toewijzingsraad voor.
De gemeenten die deel uitmaken van het werkingsgebied zijn Ieper, Heuvelland en Mesen. De toewijzingsraad is samengesteld uit vertegenwoordigers van de respectievelijke lokale besturen alsook van andere actoren zoals b.v. Habito, Vondels, het CAW, Beschut Wonen De Overweg, Psychiatrische Thuiszorg Ieper, De Lovie,...
In de gemeenteraad van 3 juli 2023 werd Pascal Vancayseele aangeduid als effectieve vertegenwoordiger van de Stad Ieper in de toewijzingsraad van de woonmaatschappij binnen het (deel)werkingsgebied Westhoek Zuid. Karen Koelman werd aangeduid als plaatsvervangende vertegenwoordiger. Beiden werken niet langer voor de Stad. Zij werden vervangen door Sabine De Wandel, afdelingshoofd Leven en Welzijn en Jullie Van Rysseghem, teamcoach dienst Welzijn, thematische hulpverlening.
Er wordt voorgesteld om Sabine De Wandel voor te dragen om de stad Ieper te vertegenwoordigen in de toewijzingsraad. Julie Van Rysseghem wordt voorgedragen als plaatsvervangend vertegenwoordiger.
Op basis van deze overwegingen besluit de gemeenteraad met algemeenheid van stemmen:
Artikel 1: mevrouw Sabine De Wandel aan te duiden als effectieve vertegenwoordiger om de stad Ieper te vertegenwoordigen in de toewijzingsraad van de woonmaatschappij binnen het (deel)werkingsgebied Westhoek Zuid.
Artikel 2: mevrouw Julie Van Rysseghem aan te duiden als plaatsvervangende vertegenwoordiger om de stad Ieper te vertegenwoordigen in de toewijzingsraad van de woonmaatschappij binnen het (deel)werkingsgebied Westhoek Zuid.
Namens Gemeenteraad,
Stefan Depraetere
Algemeen directeur
Sarah Bouton
Voorzitter